Indicatoren
Uitgangspunt en voorwaarde voor het realiseren van onze ambities in 2030 is een stevige kwalitatieve basis. Deze basis houden we op orde door onder andere te monitoren op een aantal basisindicatoren.
In 2022 is een nieuw dashboard basisindicatoren ontwikkeld vanuit het programma Dynamische Monitoring. Dit geeft ons de mogelijkheid om samen beter te sturen op basiskwaliteit. In onderstaande tabel geven we een relevante selectie van beschrijvende indicatoren en outputindicatoren die in de basis aangeven hoe we ervoor staan als hogeschool.
Afgelopen jaar zijn ook strategische indicatoren geformuleerd voor onze ambitie 1 (erkende kwalificaties en passende leerroutes) en ambitie 2 (impact van praktijkgericht onderzoek). Voor ambitie 3 (lerende, wendbare en toegankelijke organisatie) zijn een aantal monitoringsexperimenten bedacht. Tevens is afgelopen jaar een team gevormd om de meting en ontsluiting van de indicatoren vorm te geven en uit te voeren.
Indicatoren en kwaliteitsafspraken
| 2022 | 2021 | 2020 | |
|---|---|---|---|
| Studiesucces | |||
| Uitval in het eerste jaar | 30,3% | 24,2% | 25,6% |
| Switch na het eerste jaar | 9,0% | 7,2% | 9,0% |
| Opleidingsrendement voltijdsbacheloropleidingen | 62,2% | 62,0% | 62,7% |
| Internationale mobiliteit | |||
| Aantal regulier ingeschreven studenten met een buitenlandse nationaliteit | 3235 | 3101 | 2859 |
| Uitgereikte diploma's | |||
| Totaal | 4906 | 5339 | 4754 |
| BA | 4438 | 4784 | 4264 |
| AD | 140 | 156 | 156 |
| Ma | 328 | 399 | 334 |
| Onderzoek | |||
| Verhouding tussen intern en extern verworven middelen (beschikbaar op studiejaar) | 58/42 | 61/39 | 61/39 |
| Onderzoekspiramide | |||
| Aantal lectoren | 68 | 65 | 66 |
| Aantal promovendi | 80 | 130 | 119 |
| Aantal gepromoveerde medewerkers | 247 | 228 | 255 |
| Leven lang leren | |||
| Aantal cursisten | 1809 | 1777 | 1220 |
| Aantal studenten in deeltijd en duaal onderwijs | 2894 | 3083 | 3127 |
| Tevredenheid | |||
| Tevredenheid studenten (NSE)* | 3,64 | 7,4 | niet beschikbaar |
| Tevredenheid medewerkers (WBO) | nvt | 7,7 | nvt |
* In het verleden werden de vragen nog op een 10 puntsschaal gescoord. Dit jaar op een 5 puntsschaal.
Kwaliteitsafspraken
De kwaliteitsafspraken binnen onze hogeschool zijn het resultaat van een breed gevoerde dialoog tussen medezeggenschap, medewerkers en studenten in 2019, waarbij de wensen, behoeften en ideeën van studenten en medewerkers centraal stonden.
Als onderdeel van het Sectorakkoord hbo 2019-2022 is afgesproken dat het hoger onderwijs kwaliteitsafspraken maakt voor de inzet van de studievoorschotmiddelen. Elke hbo-instelling kon kiezen uit zes thema's om tot een zichtbare onderwijsverbetering te komen. De zes thema’s zijn:
- intensiever en kleinschalig onderwijs (onderwijsintensiteit);
- onderwijsdifferentiatie;
- verdere professionalisering van docenten (docentkwaliteit);
- passende en goede onderwijsfaciliteiten;
- meer en betere begeleiding van studenten;
- studiesucces inclusief doorstroom, toegankelijkheid en gelijke kansen.
De Hogeschoolmedezeggenschapsraad (HMR) heeft een belangrijke rol gespeeld bij de totstandkoming van de kwaliteitsafspraken van onze hogeschool. De HMR is samen met de deelraden ook actief betrokken bij het volgen van de voortgang hiervan en het eventueel bijstellen van het plan. Ook de Raad van Toezicht is vanuit zijn toezichthoudende taak betrokken geweest bij de totstandkoming van de kwaliteitsafspraken. Via de managementrapportages worden zowel de HMR, de deelraden als de Raad van Toezicht op de hoogte gehouden van de voortgang van de kwaliteitsafspraken.
Financiën
Het bestedingsplan voor de periode 2020-2024 is op 7 mei 2020 goedgekeurd door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. In het studiejaar 2019/20 zijn we gestart met de afgesproken investeringen op drie thema’s:
- meer en betere begeleiding van studenten;
- verdere professionalisering van docenten (docentkwaliteit);
- passende en goede onderwijsfaciliteiten.
Deze thema’s zijn in lijn met onze missie en visie. Binnen de thema’s zijn in totaal 23 maatregelen bepaald. Vijf maatregelen komen voort uit de structurele voorinvesteringen die we op verzoek van de minister van OCW al hebben gedaan in de jaren 2015-2017 en die doorlopen naar de toekomst. De overige 18 maatregelen zijn nieuw.
De investering startte in 2019 met een bedrag van 7,2 miljoen euro. Dit bedrag loopt op tot het oorspronkelijke bedrag van 21,5 miljoen euro in 2024. Jaarlijks wordt het bedrag bijgesteld op grond van loon- en prijscompensatie en studentenontwikkeling. Voor 2024 kunnen we nu rekenen op een bedrag van 23,7 miljoen euro.
De tabel hieronder toont het totale financiële overzicht van de kwaliteitsafspraken.
Financieel overzicht kwaliteitsafspraken 2019-2024
| Investeringslijnen en maatregelen | realisatie 2019 | realisatie 2020 | realisatie 2021 | realisatie 2022 | begroting 2023 | begroting 2024 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beschikbare gelden | 7.539 | 9.239 | 15.754 | 19.863 | 20.961 | 23.716 |
| Studentbegeleiding en -welzijn | 4.854 | 5.314 | 6.337 | 7.066 | 7.440 | 7.764 |
| Ontwikkelen van medewerkers | 2.561 | 3.491 | 5.836 | 8.522 | 8.276 | 8.780 |
| Onderwijsfaciliteiten | 126 | 439 | 706 | 1.073 | 3.276 | 3.472 |
| Totaal | 7.541 | 9.244 | 12.879 | 16.661 | 18.991 | 20.016 |
| resultaat/verder in te vullen bij jaarplanproces | -2 | -5 | 2.875 | 3.202 | 1.970 | 3.700 |
In de jaren 2019 en 2020 hebben we het budget geheel besteed. In 2021 en 2022 is er veel geld overgebleven. De eerste oorzaak hiervoor is vertraging in de uitvoering van enkele maatregelen, als gevolg van de coronapandemie. De tweede oorzaak is dat het budget vanuit het ministerie van OCW is verhoogd, als gevolg van loon- en prijscompensatie, vanwege hogere studentenaantallen en reguliere oploop van middelen. Deze middelen zullen in latere jaren alsnog aan de kwaliteitsafspraken besteed worden.
Bij investeringslijn 3 ‘passende en goede onderwijsfaciliteiten’ hebben we geld vrijgemaakt voor maatregel 3.5 ‘leren in ontmoeting’. In 2021 ging het om 730.000 euro, wat oploopt tot 1.677.000 euro in 2024. Bij deze maatregel waren we ervan uitgegaan dat we de uitgaven direct ten laste van de exploitatie zouden kunnen nemen. In de praktijk gaat het echter om wat grotere verbouwingen van ruimtes. Deze grotere verbouwingen passen niet goed in het oorspronkelijke plan van aanpak van maatregel 3.5. Het gevolg hiervan is een onderbesteding op deze maatregel tot en met 2022. De intentie is om in 2023 een addendum op het plan van aanpak te maken, zodat de beschikbare middelen goed besteed kunnen worden om leren in ontmoeting te faciliteren.
In het jaarplanproces voor het studiejaar 2022/23 hebben we de middelen die voor dit jaar extra beschikbaar zijn gekomen, nader ingevuld. In 2023 wordt een plan gemaakt voor de invulling van de nog beschikbare financiële ruimte voor de kalenderjaren 2023 en 2024. We doen dit in overleg met de medezeggenschapsraad en andere stakeholders. We nemen daarin ook het positieve exploitatiesaldo tot en met 2022 mee.
Aan het eind van deze paragraaf geven we een gedetailleerd financieel overzicht.
Monitoring
Ieder jaar stellen de organisatieonderdelen hun jaarplan op. In dat plan geven ze concrete invulling aan de kwaliteitsafspraken van dat jaar. De schools leggen hun jaarplan ter instemming voor aan hun eigen medezeggenschapsraad.
Op basis van de jaarplannen van de afzonderlijke organisatieonderdelen stellen we het Hanze-jaarplan en de begroting op. Daarin maken we ook zichtbaar hoe het beschikbare budget voor de kwaliteitsafspraken voor dat jaar wordt ingezet. De HMR heeft instemmingsrecht op de begroting. De Raad van Toezicht keurt de begroting goed.
Om de implementatie van de kwaliteitsafspraken te borgen en de resultaten te monitoren, hebben we een trekkersgroep van medewerkers uit diensten en schools samengesteld. De resultaten leggen we eerst voor aan de strategiegroep, waarin ook de HMR vertegenwoordigd is. De strategiegroep wordt ook betrokken bij nieuwe voorstellen voor de invulling van de kwaliteitsgelden.
De uitvoering van de kwaliteitsafspraken volgen we via onze managementrapportages, die zowel voor de gehele hogeschool als voor elk onderdeel elke vier maanden wordt opgesteld. De schools bespreken hun managementrapportage met hun eigen deelraad. Het College bespreekt onze hogeschool-managementrapportage met de HMR en de Raad van Toezicht. In deze rapportage kijken we naast de inhoudelijke voortgang ook naar de financiële uitputting van de kwaliteitsgelden. Gelden die nog niet besteed zijn, reserveren we voor besteding in de komende jaren.
Zowel de HMR als de Raad van Toezicht hebben gereflecteerd over de kwaliteitsafspraken. Deze reflecties staan in de paragraaf Voortgang Kwaliteitsafspraken.
Communicatie
We zetten een brede mix aan communicatiemiddelen in om studenten en medewerkers van onze hogeschool te informeren over de voortgang.
Reflectie Raad van Toezicht
Sinds 2019 worden de commissie Onderwijs & Onderzoek, de Auditcommissie en de vergadering van de voltallige Raad van Toezicht periodiek geïnformeerd over de voortgang van de kwaliteitsafspraken. Zowel de commissies als de gehele raad ontvangen de integrale managementrapportages van de Hanzehogeschool als onderdeel van de reguliere planning-en-controlcyclus. De voortgang van de kwaliteitsafspraken wordt in een separaat hoofdstuk in deze rapportage beschreven.
De integrale managementrapportage wordt elke vier maanden opgesteld, volgens onderstaande cyclus. Daarna wordt deze – voorzien van een bestuurlijke reactie – besproken in de vergadering van de twee commissies met de respectievelijke portefeuillehouders. Vervolgens wordt de rapportage met het voltallige CvB besproken in de algemene vergadering van de Raad van Toezicht.
- de 4-maandsrapportage over de periode september tot en met december;
- de 8-maandsrapportage over de periode september tot en met april;
- de 12-maandsrapportage over de periode september tot en met augustus.
De commissie O&O heeft tijdens de vergadering op 28 februari 2022 uitgebreid stilgestaan bij de kwaliteitsafspraken aan de hand van de 4-maands managementrapportage 2021-2022. Met de portefeuillehouder van het CvB en de directeur O&O is besproken welke informatie relevant is om zicht te houden op de voortgang van de kwaliteitsafspraken. Daarbij heeft de commissie geconstateerd dat de rapportage gaat over de voortgang van de gemaakte afspraken en niet over de effecten ervan. Effecten kunnen over de gehele breedte van de maatregelen niet worden gemeten. Aangaande bepaalde maatregelen voert de hogeschool wel onderzoek uit naar de effecten van de uitvoering ervan.
Om de commissie in staat te stellen de voortgang van de kwaliteitsafspraken te volgen, is afgesproken dat de commissie de uitgebreide rapportage en de geleverde achtergrondinformatie periodiek ontvangt.
Ook in de vergadering van de Auditcommissie (op 28 februari 2022) is tijdens de bespreking van de 4-maands managementrapportage 2021-2022 door de commissie gevraagd om een toelichting op de kwaliteitsafspraken. De Auditcommissie heeft gevraagd hoe bijsturing plaatsvindt als maatregelen vertraging oplopen of niet naar tevredenheid worden uitgevoerd. De portefeuillehouder heeft toegelicht dat sommige maatregelen als gevolg van corona later zijn gestart en dat het CvB stuurt op realisatie en besteding van de kwaliteitsafspraken.
Tijdens de bespreking van de 8-maands managementrapportage 2021-2022 (op 14 juni 2022) heeft de Auditcommissie geconstateerd dat de monitoring en besteding van de kwaliteitsgelden op orde is.
Op 24 oktober 2022 heeft de commissie O&O vernomen dat de Hanzehogeschool een positief advies van de NVAO heeft ontvangen over de verslaglegging van de voortgang van de kwaliteitsafspraken in het jaarverslag van 2021. In deze vergadering stond ook de 12-maands managementrapportage 2021-2022 geagendeerd. Aan de hand van deze rapportage heeft de commissie geconstateerd dat de informatievoorziening over de kwaliteitsafspraken duidelijk en inzichtelijk is. De commissie is blij met de voortgang zoals die te lezen is in de rapportage, maar constateert dat er achterstanden zijn in de uitgaven. De argumentatie bij deze achterstanden is begrijpelijk en uitlegbaar, gegeven de huidige maatschappelijke omstandigheden (openstaande vacatures).
Tijdens de bespreking van de 4-, 8- en 12-maands managementrapportage in de algemene vergadering van de Raad van Toezicht is – aan de hand van de bevindingen, reacties en verslagen uit de commissies – de voortgang van de uitvoering van de kwaliteitsafspraken vastgesteld. De gehele raad heeft tevens de reflectie van de Raad op de voortgang kwaliteitsafspraken bij het jaarverslag van 2021 vastgesteld.
Tot slot heeft de Raad van Toezicht tijdens de vergadering op 9 mei 2022 de financiële herijking van de kwaliteitsafspraken 2022-2023 goedgekeurd, op basis van een schriftelijke voorbespreking in de commissie O&O.
Al met al concludeert de Raad van Toezicht met deze reflectie dat zij tevreden is over de betrokkenheid bij de uitvoering van de kwaliteitsafspraken en de verbeterde informatievoorziening. De Hanzehogeschool investeert in de drie hoofdthema’s studentenwelzijn en -begeleiding, professionalisering van medewerkers en passende faciliteiten, om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren. Met de adequate monitoring via de rapportagecyclus heeft de Raad er vertrouwen in dat de hogeschool de uitvoering van de maatregelen goed volgt.
Reflectie HMR
Uitvoering en monitoring
In 2019/20 is de Hanzehogeschool gestart met het uitvoeren van de nieuwe maatregelen van de kwaliteitsafspraken, naast de al lopende voorinvesteringen. De uitvoering van de kwaliteitsafspraken wordt gevolgd via de reguliere planning-en-controlcyclus. Per jaar stelt onze hogeschool drie integrale managementrapportages op, waarvan de rapportage over kwaliteitsafspraken deel uitmaakt. Deze managementrapportages worden besproken in de Hogeschoolmedezeggenschapsraad (HMR) en de Raad van Toezicht (RvT). De onderdelen stellen hun eigen managementrapportages op, die worden besproken in de deelraden van de onderdelen. Bij het opstellen van het jaarplan en de begroting wordt gekeken of het bestedingsplan nog steeds conform kan worden uitgevoerd, of dat er bijstellingen nodig zijn. Deze bijstellingen maken onderdeel uit van de begroting. De begroting ligt ter instemming bij de HMR en ter goedkeuring bij de RvT.
Betrokkenheid medezeggenschap
Deze integrale managementrapportages worden op centraal niveau met ons besproken. Dit gebeurt in de strategiegroep en met de gehele raad. De strategiegroep bestaat uit twee studentleden en een personeelslid van onze raad.
De deans bespreken de voortgang van de kwaliteitsafspraken in hun eigen school met de deelraden. We constateren hierbij dat de betrokkenheid van een aantal deelraden bij de uitvoering van de kwaliteitsafspraken vergroot moet worden. Verder worden de nieuwe leden van onze raad en de voorzitters van de deelraden jaarlijks bijgepraat over het plan kwaliteitsafspraken en de voortgang.
Voortgang
We constateren dat een aantal maatregelen goede voortgang laten zien. Het is goed om te zien dat studenten de studentbegeleiding en de kwaliteit van docenten in 2022 hoger waarderen dan in 2018, voorafgaande aan de uitvoering van de kwaliteitsafspraken.
Tegelijkertijd zien we dat vanwege de coronamaatregelen de uitvoering van enkele maatregelen achterblijft bij de planning. Hierdoor wordt een deel van het budget niet besteed. Binnen de strategiegroep is afgesproken dat het resterende geld wel beschikbaar blijft voor uitvoering van de kwaliteitsafspraken, zodat de achterstanden in de komende jaren ingehaald kunnen worden.
Verder zien we dat de focus vooral ligt op het halen van de kwantitatieve doelen, zoals ze in het plan Kwaliteitsafspraken Hanzehogeschool van 2019 vermeld staan. We hebben erop aangedrongen dat bij bepaalde maatregelen ook de kwalitatieve effecten van de maatregelen onderzocht worden, zodat we van elkaar kunnen leren. Dit geldt in het bijzonder voor maatregel 1.2 ‘Tijd en ruimte voor studentbegeleiders’. Het College van Bestuur heeft toegezegd dat een dergelijk onderzoek gaat plaatsvinden. Hiervoor is ruimte gemaakt in de volgende fase van de kwaliteitsafspraken. Het onderzoek zal de komende periode uitgevoerd worden.
Communicatie
We merken dat studenten en docenten graag willen weten welke resultaten behaald zijn met de kwaliteitsafspraken. De communicatie richting de organisatie kan op onderdelen worden verbeterd. Ondanks dat er stappen zijn gezet door een vaste communicatiemedewerker aan te stellen, behoeft dit punt blijvende aandacht. De raad blijft alert op de concrete invulling van de communicatie met de organisatie.
Herijking
Het jaar 2022 was een belangrijk tussenjaar in de uitvoering van de kwaliteitsafspraken. We zijn dan ongeveer halverwege. Er vindt een herijking van het plan voor de kwaliteitsafspraken plaats en er wordt nog invulling gegeven aan het extra budget dat voor dat studiejaar beschikbaar is. De raad is betrokken bij de herijking van het plan en bij de keuzes voor inzet van dat extra budget.
Conclusie
Het totaal overziend zijn we als HMR tevreden over de betrokkenheid bij de uitvoering van de kwaliteitsafspraken. We zijn echter ook van mening dat er nog een aantal verbeterpunten doorgevoerd moet worden, zoals de betrokkenheid van deelraden en de communicatie over wat de kwaliteitsafspraken ons gebracht heeft. We zien dat deze aspecten in de tweede helft van 2022 goed zijn opgepakt en vertrouwen erop dat dit een positieve uitwerking zal hebben in de komende jaren.
Voortgang kwaliteitsafspraken
Om de kwaliteitsafspraken te behalen, hebben we verschillende maatregelen ingezet. Enkele hiervan zijn al in september 2019 van start gegaan, maar de meeste zijn vanaf september 2020 in gang gezet.
Bij een groot aantal maatregelen loopt de voortgang conform plan. Er zijn echter ook maatregelen die door de coronapandemie vertraging hebben opgelopen. We willen deze vertraging in de loop van de tijd gaan inhalen. Het budget dat resteert, wordt meegenomen naar de komende jaren.
Hieronder geven we op hoofdlijnen weer wat de voortgang is op de drie thema’s. Per maatregel gaan we in op de bereikte resultaten en hoe deze zich verhouden tot de doelen in het plan.
Investeringslijn 1: studentbegeleiding en studentwelzijn
De maatregelen bij het thema Studentbegeleiding en -welzijn liggen op schema. De ontwikkeling van de professionaliseringsonderdelen van studentbegeleiders loopt conform plan, er zijn inmiddels twee trainingen ontwikkeld en aangeboden. Daarnaast is er het online aanbod van een landelijke aanbieder ontsloten en wordt er gewerkt aan de ontwikkeling van een module die studentbegeleiders helpt in het coachingsproces bij passende leerroutes. In 2022 hebben 50 studentbegeleiders deelgenomen aan een van de genoemde onderdelen.
De komende periode gaan we onderzoeken wat het kwalitatieve effect van de uitbreiding van de uren voor studentbegeleiding is geweest.
Er zijn vier studentpsychologen (3 fte) aangesteld ,die in 2022 in totaal 504 studenten hebben begeleid. In 2022 hebben ruim 400 studenten gebruik gemaakt van cursussen en begeleide groepen die door onze hogeschool actief werden aangeboden. Gemiddeld 50 studenten maakten per maand gebruik van de 31 verschillende online zelfhulpmodules. In totaal werden 890 online modules gevolgd door 631 verschillende studenten.
| Maatregel 1.1: | Ontwikkeling van studentbegeleiders |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2020. |
| Doel | Opleiding en ontwikkeling van studentbegeleiders. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In studiejaar 2020/21 is 15 procent van alle studentbegeleiders opgeleid. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Eind 2024 zijn alle studentbegeleiders opgeleid. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2021 hebben 62 studentbegeleiders uren ontvangen om scholing te volgen. Dat is 19 procent van alle studentbegeleiders. |
| Inhoudelijke toelichting | In 2020 zijn de eerste twee modules van het professionaliseringsprogramma voor studentbegeleiders ontwikkeld en aangeboden. Er is een module voor startende studentbegeleiders (Basisvaardigheden begeleiden) en een voor meer ervaren studentbegeleiders (de Communities of Practice (CoP)). In 2021 hebben 62 docent-onderzoekers 16 uur ontvangen voor professionalising, in het kader van studentbegeleiding. Aan de module Basisvaardigheden begeleiden hebben 37 docent-onderzoekers deelgenomen; aan de CoP 14. Het programma wordt periodiek geëvalueerd en bijgesteld. Een deel van de docent-onderzoekers (11) heeft binnen de eigen school een scholingsprogramma gevolgd. In 2022 hebben 67 docent-onderzoekers elk 32 uur ontvangen voor professionalisering. Aan de module Studentbegeleiding: Basisvaardigheden hebben 31 docent-onderzoekers deelgenomen, aan de CoP 19. Een deel van de docent-onderzoekers(17) heeft binnen de eigen school een scholingsprogramma gevolgd. Nu het aantal beschikbare professionaliseringsuren is opgehoogd, vraagt dat om een uitgebreider palet aan professionaliseringsmogelijkheden. Zo is er behoefte ontstaan aan begeleiding bij passende leerroutes. Hiervoor wordt de module Studentbegeleiding: Coachen op Kiezen ontwikkeld. Centraal in deze module staat het begeleiden van het keuzeproces van studenten bij het samenstellen van een passende leerroute. |
| Bijstellingen | Het aantal beschikbare professionaliseringsuren per studentbegeleider is verhoogd van 16 naar 32 uur per studentbegeleider. |
| Maatregel 1.2: | Ruimte en tijd voor studentbegeleiders |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2020. |
| Doel | Faciliteren van tijd en ruimte voor studentbegeleiders. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In studiejaar 2020/21 is aan onze hogeschool het aantal uren voor studentbegeleiders met 20 procent verruimd. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In 2024 is aan onze hogeschool het aantal uren voor studentbegeleiders met 35 procent verruimd ten opzichte van 2019/20 |
| Bereikte resultaten in 2021 | Eind 2021 is het aantal uren voor studentbegeleiding met 24 procent toegenomen. De NSE-score voor studenttevredenheid over de begeleiding is gestegen van 3,53 in 2018 naar 3,65 in 2021. Het aantal studenten dat tevreden of zeer tevreden is over de studentbegeleiding is gestegen tot 68 procent. |
| Inhoudelijke toelichting | Vanaf het studiejaar 2020/21 wordt jaarlijks geïnvesteerd in extra uren voor studentbegeleiders. In het eerste studiejaar hebben schools onderzoek gedaan naar hoe de studentbegeleiding binnen hun school verder verbeterd kan worden. De komende jaren zal het aantal uren begeleiding verder uitgebreid worden. Het grootste gedeelte van de gelden is besteed aan extra uren en extra inzet van studiebegeleiding. Voor eerstejaars was normaliter al veel studiebegeleiding beschikbaar, maar met inzet van de extra gelden konden de schools meer studiebegeleiding van ouderejaarsstudenten aanbieden. Deze inzet is breder dan alleen Ad- of bacheloronderwijs; de uren zijn ook beschikbaar voor masterstudenten. Verder werden extra uren besteed aan de zogenaamde studievertragers of staartstudenten. Verder is geld besteed aan onder meer het aanstellen van een aandachtsfunctionaris, intervisietraining voor coaches en het inrichten van een study- en careerdesk of een SLB-loket. In 2022 is het bovenstaande beleid gecontinueerd. De NSE-score op studiebegeleiding is in 2022 gestegen naar 3,71. |
| Bijstellingen | Het overgebleven geld zal in de komende jaren beschikbaar zijn voor verdere uitbreiding. Er is geen beleidsbijstelling nodig. |
| Maatregel 1.3: | Studentpsychologen |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Toegang tot 3 fte studentpsychologen in 2020. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Studenten hebben vanaf 2020 laagdrempelige toegang tot psychologische begeleiding. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Studenten hebben vanaf 2020 een laagdrempelige toegang tot psychologische begeleiding. |
| Bereikte resultaten in 2021 | Eind 2021 zijn er vier studentpsychologen in dienst, met een omvang van 3 fte. |
| Inhoudelijke toelichting | De werving van de drie studentpsychologen is afgerond. Ze hebben in kalenderjaar 2021 in totaal 315 studenten begeleid. Gemiddeld zijn er per student vier gesprekken geweest. In 2022 zijn 504 studenten in traject geweest bij een studentenpsycholoog. Daarvan was 28 procent een internationale student. Er zijn 1.827 afspraken geweest met een studentenpsycholoog. Gemiddeld zijn er per student vier gesprekken geweest. De hulpvragen waarmee studenten zich meldden, waren onder andere: angst- en paniekklachten, (studie)stress, somberheid en omgaan met thuissituatie (mantelzorg). Daarnaast waren er specifieke hulpvragen gerelateerd aan de coronamaatregelen, zoals eenzaamheid en motivatie- en concentratieproblemen als gevolg van de coronamaatregelen. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 1.4: | Hanze Student Support |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Uitbreiding van het aanbod en de coachingsmogelijkheden van Hanze Student Support. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In 2020 heeft de Student Academy het aanbod uitgebreid en gepositioneerd. Uit een kwalitatieve en kwantitatieve evaluatie in 2021 blijkt dat het bereik en de vindbaarheid van Hanze Student Support zijn verbeterd. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Een uitbreiding van het aanbod en het beter positioneren van Hanze Student Support. |
| Bereikte resultaten in 2021 | 400 studenten hebben deelgenomen aan de door Hanze Student Support gegeven cursussen. |
| Inhoudelijke toelichting | Uit een kwalitatieve en kwantitatieve evaluatie in 2021 blijkt dat het bereik en de vindbaarheid van Hanze Student Support zijn verbeterd. Hanze Student Support heeft in 2021 achttien verschillende cursussen, vier begeleide groepen en 30 verschillende online zelfhulpmodules aangeboden. De cursussen, sommige ook in het Engels aangeboden, worden vooral gegeven door docenten van onze hogeschool; enkele door externe trainers. Het vaakst gevolgd zijn de cursussen gericht op effectief studeren, omgang met faalangst en mindfulness. In 2022 werden door Hanze Student Support 96 verschillende cursussen, begeleide groepen en online zelfhulpmodules aangeboden. Er hebben ruim 400 studenten deelgenomen aan een door Hanze Student Support georganiseerde cursus. De cursussen gericht op effectief studeren, omgang met faalangst en mindfulness werden het meest gevolgd. De vijf begeleide groepen waren gericht op studievoortgang, studeren met ASS (Autisme Spectrum Stoornis), studeren met AD(H)D, mantelzorg en studeren met een chronische ziekte. Aan de studievoortgangsgroep werd het meest deelgenomen. Gemiddeld 50 studenten maakten per maand gebruik van de 31 verschillende online zelfhulpmodules. In totaal werden 890 online modules gevolgd door 631 verschillende studenten. Nederlandse studenten kozen vooral voor de modules ‘Concentratie & uitstelgedrag’, ‘Angst & paniek’ en ‘Stress’. Bij de Engelstalige modules werd vooral gekozen voor ‘Concentration & procrastination’, Anxiety’ en ‘Self-image’. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 1.5: | Stage- en afstudeerbegeleiding |
|---|---|
| Ingangsdatum | Ingangsdatum 2014/15 (voorinvestering). |
| Doel | Faciliteren van tijd en ruimte voor studentbegeleiders in de fase van stage en afstuderen. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In studiejaar 2020/21 is de studenttevredenheid op het thema ‘Studentbegeleiding’ gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de NSE-meting in 2018. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In het studiejaar 2024 is de studenttevredenheid op het thema ‘Studentbegeleiding’ gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de NSE-meting in 2020/21. |
| Bereikte resultaten in 2021 | De studenttevredenheid op het thema 'studentbegeleiding’ is in 2021 in de NSE-meting gestegen van 3,53 naar 3,65. Het percentage studenten dat tevreden of zeer tevreden is, is toegenomen tot 68 procent. |
| Inhoudelijke toelichting | In studiejaar 2014/15 is in het kader van de voorinvesteringen 1,5 miljoen euro aan extra middelen beschikbaar gesteld voor het intensiveren van de begeleiding van studenten die zich in de stage- en afstudeerfase bevinden. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 1.6: | Verhogen onderwijsintensiteit |
|---|---|
| Ingangsdatum | 2016 en 2017 (voorinvestering). |
| Doel | Het verhogen van de onderwijsintensiteit door extra middelen voor het onderwijs beschikbaar te stellen, in afwachting van de studievoorschotmiddelen. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In studiejaar 2020/21 is het relatieve aandeel van de schools in het totale batenbudget (rijksbijdrage en collegegeld) minimaal gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de begroting van 2019/20. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In het studiejaar 2023/24 is het relatieve aandeel van de schools in het totale batenbudget (rijksbijdrage en collegegeld) minimaal gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de begroting van 2019/20. |
| Bereikte resultaten in 2021 | Het aandeel van de schools in het totaalbudget van 2019/20 was 55,3 procent. In studiejaar 2020/21 was dit aandeel 55,8 procent (bron: begroting 2020/21). |
| Inhoudelijke toelichting | - |
| Bijstellingen | Niet van toepassing |
Investeringslijn 2: ontwikkeling van medewerkers
De maatregelen bij het thema ‘ontwikkeling van medewerkers’ lopen goed op schema. Docent-onderzoekers maken goed gebruik van de budgetten voor het volgen van de Basiskwalificatie Didactische Bekwaamheid (BDB) en alle organisatieonderdelen hebben een professionaliseringsplan gemaakt. Nieuwe collega's maken gebruik van de 20 procent taakreductie. Het professionaliseringsaanbod voor medewerkers wordt steeds verder uitgebreid. In totaal hebben 810 medewerkers gebruik gemaakt van 25 verschillende professionaliseringsmogelijkheden. Verder gebruiken de schools de formatie die ze hebben gekregen, voor het bevorderen van interdisciplinair samenwerken van studenten en voor onderzoek naar onderwijs. Overigens wordt het interdisciplinaire samenwerken bemoeilijkt doordat studenten door de coronapandemie veel minder fysiek aanwezig hebben kunnen zijn.
| Maatregel 2.1.a: | Centraliseren van BDB-cursussen |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2020. |
| Doel | Het centraliseren van de financiering van de leergang Basiskwalificatie Didactische Bekwaamheid (BDB). |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In 2021 worden 76 BDB-leergangen gefinancierd uit de kwaliteitsgelden. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In 2024 zijn 362 BDB-cursussen uit de kwaliteitsgelden gefinancierd. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2021 hebben 83 docent-onderzoekers deelgenomen aan de BDB. |
| Inhoudelijke toelichting | Met ingang van studiejaar 2020/21 wordt de financiering voor de BDB centraal bekostigd. De hiermee vrijgespeelde gelden worden door de schools besteed aan de ontwikkeling van hun medewerkers. In 2021 hebben 83 docent-onderzoekers deelgenomen aan de BDB. Daarnaast hebben elf docent-onderzoekers een maatwerktraject doorlopen. Tien docent-onderzoekers hebben gebruik gemaakt van de procedure bekwaamheidsverklaring. De BDB is geactualiseerd en sluit aan bij de onderwijsontwikkelingen binnen onze hogeschool en is passend bij de rol(len) van docent-onderzoeker. In 2022 hebben 151 docentonderzoekers deelgenomen aan de reguliere BDB en 3 aan de bekwaamheidsprocedure. De vormgeving van de BDB is volledig aangepast, in lijn met de flexibilisering van het onderwijs aan studenten. Er is nu sprake van CoL-groepen, een basisprogramma en een keuzeprogramma. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 2.1.b: | Opstellen professionaliseringsplannen |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2020. |
| Doel | Het faciliteren van organisatieonderdelen om tot goede professionaliseringsplannen te komen. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Ieder onderdeel heeft in het kader van de planning-en-controlcyclus een professionaliseringsplan opgesteld. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Jaarlijks wordt het professionaliseringsplan via het jaarplan herijkt en via de managementrapportages gevolgd. |
| Bereikte resultaten in 2021 | Ieder onderdeel heeft in het kader van het studiejaar 2021/22 een professionaliseringsplan opgesteld. |
| Inhoudelijke toelichting | Het opgestelde professionaliseringsplan vormt de basis voor de scholingsactiviteiten van ieder organisatieonderdeel. Het plan biedt handvatten om de scholingsactiviteiten structureler in te bedden en af te stemmen met de strategische agenda van onze hogeschool. De opgestelde professionaliseringsplannen zijn of worden in afstemming met de organisatieonderdelen vertaald in passende professionaliseringsproducten. De organisatieonderdelen rapporteren de voortgang in hun viermaandelijkse managementrapportages. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 2.2: | Docenten in de praktijk |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2020. |
| Doel | Het mogelijk maken van docentuitwisseling, -detachering of -stages in de praktijk of in leergemeenschappen. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In studiejaar 2020/21 heeft 5 procent van de docent-onderzoekers met een aanstelling van 0,5 fte of hoger, ervaring opgedaan in de beroepspraktijk. Dit komt neer op 63 docent-onderzoekers. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Eind 2024 heeft minimaal 80 procent van de docent-onderzoekers met een aanstelling van 0,5 fte of hoger ervaring opgedaan in de praktijk of leergemeenschappen. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2020/21 hebben 38 van de geselecteerde 63 docent-onderzoekers ervaring opgedaan. Bij de overige 25 docent-onderzoekers is dit door de coronapandemie niet gelukt. |
| Inhoudelijke toelichting | In 2020/21 hebben 63 docent-onderzoekers verdeeld over zes voorhoede-schools per docent-onderzoeker 104 uur ontvangen. We hebben hier vertraging zien optreden. Vanwege de coronapandemie was het voor de zes deelnemende schools lastiger om docenten stages te laten lopen. Bij die schools waar dat niet geheel is gelukt, zal de stage in studiejaar 2021/22 plaatsvinden. De werkwijze van de voorhoede-schools is geëvalueerd, met als opbrengst een adviesdocument voor alle schools. Na de zomer zijn 252 docent-onderzoekers gestart (ongeveer 20 procent van het totaal). In 2022 is voor het eerst vrijwel het gehele begrote bedrag ingezet om docenten in de praktijk mee te laten lopen. In voorgaande jaren maakten (corona)maatregelen dat lastig. |
| Bijstellingen | Geen bijstellingen. |
| Maatregel 2.3: | Vermindering taakbelasting nieuwe docenten |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2020. |
| Doel | Taakreductie (met 20 procent) voor startende docent-onderzoekers en financiering van de begeleiding van deze docent-onderzoekers door buddy’s. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Het realiseren van het doel ten aanzien van taakreductie en begeleiding. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Het realiseren van het doel ten aanzien van taakreductie en begeleiding. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2021 is voor 13 fte gebruik gemaakt van taakreductie en zijn voor 1,3 fte buddy’s ingezet. |
| Inhoudelijke toelichting | Vanaf studiejaar 2020/21 krijgen nieuwe docent-onderzoekers die voor eerst in het hbo werkzaam zijn, in het eerste jaar 20 procent taakreductie. Zij worden begeleid door ervaren collega's. In studiejaar 2021/22 zijn, vanwege de Open Up financiering, veel nieuwe docent-onderzoekers gestart en is het aantal aanvragen voor taakreductie gestegen. In april is onder de nieuwe docent-onderzoekers en hun begeleiders een evaluatieonderzoek gedaan. Hieruit blijkt dat het grootste deel van de docent-onderzoekers zeer tevreden is met de taakreductie, maar dat ze behoefte hebben aan meer duidelijkheid over waarvoor de taakreductie gebruikt kan worden en wat van de buddy verwacht mag worden. Op basis hiervan is een flyer gemaakt waarin onder andere staat beschreven waar de taakreductie voor bedoeld is, wat de invulmogelijkheden zijn en wat er van een buddy verwacht mag worden. In 2022 is aanzienlijk meer uitgegeven dan begroot door de grote instroom van docent-onderzoekers n.a.v. de NPO-gelden. Dit lijkt een eenmalig effect te zijn. Dit wordt gefinancierd vanuit andere, nog niet bestede kwaliteitsgelden. |
| Bijstellingen | Geen bijstellingen. |
| Maatregel 2.4: | PL Academy |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Het ontwikkelen en aanbieden van stimulerende en inspirerende portfolioproducten en activiteiten die passen bij de strategische doelstellingen van onze hogeschool, en het helpen van medewerkers bij hun professionalisering. De PL Academy is hét professionaliseringsplatform waar het leren en ontwikkelen van medewerkers tot stand komt. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | De basisformatie is opgehoogd en het professionaliseringsaanbod is voor alle medewerkers uitgebreid. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In 2024 zijn randvoorwaarden geschapen om extra portfolioproducten en activiteiten te kunnen aanbieden. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2020 is de basisformatie opgehoogd. In 2021 is het professionaliseringsaanbod geactualiseerd en uitgebreid, passend bij de strategische doelstellingen van onze hogeschool. |
| Inhoudelijke toelichting | De randvoorwaarden om extra portfolioproducten en activiteiten te kunnen aanbieden, zijn verbeterd. Het personele bestand is op sterkte. De strategische ambities zijn leidend in de advisering en in het professionaliseringsportfolio. Het portfolio is geactualiseerd en sluit steeds beter aan bij deze strategische ambities. Recent is een ‘toolbox flexibiliseren’ toegevoegd aan het portfolio. Begin december was de eerste bijeenkomst van de Raad van Advies. Deze adviseert de PL Academy over haar portfolio, met als doel dat er een evenwichtig en actueel portfolio ontstaat voor alle medewerkers van onze hogeschool. In 2021 hebben 943 medewerkers gebruik gemaakt van een van de portfolioproducten van de PL Academy. In 2022 bestaat de PL Academy bestaat zo'n zes jaar. De PL Academy valt onder de verantwoordelijkheid van HR, team Leren & Ontwikkelen (huidige formatie: 2,8 fte adviseur, 2,4 fte ondersteuning). De bestaande modules zijn inmiddels opgenomen in het ERP-systeem dat we in onze hogeschool gebruiken. Via die route vinden de meeste administratieve handelingen plaats, inclusief inschrijving, certificering en rapportage. Om meer structuur aan te brengen in het aanbod en het voor deelnemers makkelijker te maken hun weg te vinden in de mogelijkheden die er zijn, is gestart met het opzetten van de systematiek van ‘ontwikkelwielen’. In deze wielen zijn de hoofdthema's (docentprofessionalisering en (praktijkgericht) onderzoek) opgedeeld in subthema's (onderzoeksvaardigheden, onderzoeksprojecten managen en onderzoeksleiderschap). Dit is weer verdeeld in drie niveaus (basis, ervaren & expert). Om beter aan te sluiten op de actualiteit binnen onze hogeschool en de daaruit voortvloeiende professionaliseringsvragen, is de samenwerking tussen HR en de afdeling Onderwijs & Onderzoek en Centrum voor Talent en leren verstevigd. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 2.5: | Interdisciplinair samenwerken studenten |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2020. |
| Doel | Het faciliteren van schools om interdisciplinair samenwerken van studenten in een leergemeenschap mogelijk te maken. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Iedere school ontvangt 0,2 fte om interdisciplinair samenwerken verder vorm te geven. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Studenten kunnen in een optimale omgeving samenwerken met studenten van andere disciplines en leren wat hun eigen rol is in een interdisciplinair team. Docenten ervaren dat zij gesteund en gefaciliteerd worden in het vormgeven van een leergemeenschap en het samen leren daarvan. |
| Bereikte resultaten in 2021 | Iedere school heeft 0,2 fte ontvangen om, al dan niet in samenwerking met anderen, interdisciplinair samenwerken vorm te geven. |
| Inhoudelijke toelichting | In studiejaar 2020/21 heeft een platform van schools gewerkt aan de volgende speerpunten: • visie ontwikkelen; • delen van best practices, helpende hand bieden; • toewerken naar generieke leeruitkomsten voor interprofessionele samenwerking; • versterken van organisatorische randvoorwaarden. Het platform heeft hiervoor diverse hogeschoolbrede sessies georganiseerd, waarbij ook verbinding is gemaakt met de thema’s ‘flexibilisering’ en ‘van buiten naar binnen’ (engaged samenwerking met de regio). Een concreet voorbeeld is dat studenten van verschillende opleidingen van de school voor Life Science en Technology (zoals de opleidingen Bio-informatica, Medische Diagnostiek, Biologische en Medische Research, Chemie) deelnemen aan de minor ‘Voeding en bedrijf’ die geheel in samenwerking met Voeding en Diëtetiek (School voor Gezondheidsstudies) wordt verzorgd. Studenten van beide schools werken in gezamenlijkheid aan projecten en hebben samen lessen. Er wordt een plan opgesteld om studenten in de Maakplaats Techniek te laten werken met point of care-technologie, een technologie die ook interessant zal zijn voor studenten van Engineering, Gezondheidsstudies en Verpleegkunde. Een ander concreet voorbeeld is dat binnen het kunstenonderwijs zes off courses (extracurriculair interdisciplinair onderwijs) zijn bekostigd, waarin studenten van verschillende opleidingen samenwerken aan projecten binnen en buiten het kunstendomein. De zes off courses zijn: Cross Art, Film Lab, Mask, Virtual Manifestations, Off the Wall en Playtime. In studiejaar 2021/22 heeft een platform van schools verder gewerkt aan de speerpunten en daarnaast aan kennisdeling en docentprofessionalisering. Een werkgroep ‘IWP van de toekomst’ ontwikkelt modellen om toe te passen binnen concrete projecten. Binnen het onderwerp docentprofessionalisering wordt een handelingsrepertoire op het gebied van leergemeenschappen ontwikkeld en vergroot. De Covid-19-maatregelen waren in het eerste deel van 2022 nog een beperkende factor voor studenten om elkaar fysiek te ontmoeten in interdisciplinaire omgevingen |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 2.6: | Onderwijsonderzoek |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Het faciliteren van docenten om te onderzoeken wat succesfactoren zijn van leergemeenschappen en hun onderwijspraktijk, inclusief het leren van docent-onderzoekers. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Iedere school ontvangt 0,1 fte om onderzoek te doen naar de succesfactoren van een innovatiewerkplaats (IWP): een samenwerkingsverband van onderwijs, onderzoek en de praktijk. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Het onderwijsonderzoek moet leiden tot een verbeterde onderwijspraktijk en een sterkere leergemeenschap. De uitkomsten van het onderzoek zullen we gebruiken voor het herijking van de kwaliteitsafspraken. Daartoe verbinden we de resultaten van dit onderzoek met het onderzoek van de lectoraten gericht op onze eigen leergemeenschap. Zo blijft onze hogeschool als lerende organisatie de eigen onderwijspraktijk steeds verbeteren. |
| Bereikte resultaten in 2021 | Iedere school heeft 0,1 fte ontvangen om, al dan niet in samenwerking met anderen, onderwijsonderzoek vorm te geven. |
| Inhoudelijke toelichting | Een voorbeeld is een onderzoek door twee docenten van de Academie voor Gezondheidsstudies. De vraag die hierin centraal stond, was: hoe kunnen opleidingen en lectoraten (nog) beter samenwerken ter verrijking van onderwijs alsook samen krachtiger worden richting werkveld? Hieruit kwamen praktische adviezen voort om de samenwerking van onderwijs en onderzoek te verbeteren. Een ander voorbeeld is een onderzoek gedaan door docenten van het Instituut voor Bedrijfskunde. Zij hebben onderzocht hoe zij hun IWP kunnen versterken. Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in een sterk verbeterde studiehandleiding voor het Bedrijfskundig Action Lab. Een ander voorbeeld is een onderzoek gedaan door docenten van het Instituut voor Bedrijfskunde. Zij hebben onderzocht hoe zij hun IWP kunnen versterken. Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in een sterk verbeterde studiehandleiding voor het Bedrijfskundig Action Lab. In 2022 is het onderzoek naar succesfactoren voor leergemeenschappen (met enige vertraging door de coronapandemie) voortgezet. Het Instituut voor Sportstudies is binnen onze hogeschool een van de voorlopers. In september 2022 is dit instituut gestart met een nieuw curriculum waarin dit soort leergemeenschappen centraal staan. Het lectoraat Leren in de Leergemeenschap is gestart met het onderzoeken van de succesfactoren en ‘lessons learned’ van enkele van deze leergemeenschappen. Bovendien zijn drie docenten, vanuit kwaliteitsgelden voor kwaliteitsafspraken 2.5 en 2.6, gefaciliteerd om de succesfactoren te onderzoeken van de lokale leergemeenschappen op het Europapark. Studenten, docent-onderzoekers, gemeente en burgers onderzoeken in deze interdisciplinaire leergemeenschappen samen hoe de duurzaamheid, leefbaarheid en gezonde leefstijl in deze wijk kunnen worden gestimuleerd. Een ander voorbeeld is SOFE (Institute of Future Environments). Dit instituut is gestart met een herontwerp van de vrije keuzeruimte van 30 credits. Doel is te komen tot een semester (30 ec’s) waarin een maatschappelijk urgent project centraal staat, waaraan studenten uit meerdere disciplines (ook van andere schools dan SOFE) werken, samen met lectoraten, werkveld en burgers. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 2.7: | Verhogen docentkwaliteit |
|---|---|
| Ingangsdatum | Vanaf 2015: voorinvestering. |
| Doel | Het verhogen van de docentkwaliteit door het nemen van gerichte maatregelen. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In 2020/21 is de studenttevredenheid op het thema 'docenten' gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de NSE-meting in 2018. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In 2024 is de studenttevredenheid op het thema 'docenten' gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de NSE-meting in 2020/21. |
| Bereikte resultaten in 2021 | Het cijfer voor studenttevredenheid over de docenten is van 3,69 in 2018 gestegen naar 3,70 in 2021. Het aantal studenten dat tevreden of zeer tevreden is over de kwaliteit van de docenten, is gestegen naar 66 procent. |
| Inhoudelijke toelichting | Vanaf studiejaar 2014/15 is 1 miljoen euro vrijgespeeld voor het versterken van de personele kwaliteit. In 2021 is ingezet op het herplaatsen of begeleiden van medewerkers die onvoldoende functioneren binnen de context van onze hogeschool. Doel daarvan is het verhogen van de kwaliteit van het (blijvend) docentencorps, met als resultaat dat de studenttevredenheid (gemeten via de NSE-score) omhoog gaat. Het herplaatsen of begeleiden is maatwerk en kan onder andere bestaan uit outplacement, scholing, ondersteuning bij het opstarten van een eigen bedrijf, trajecten van werk naar werk en vervroegde pensionering. In 2022 is bovenstaande aanpak gecontinueerd. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 2.8: | Kenniscentrum Biobased Economy |
|---|---|
| Ingangsdatum | Vanaf 2017: voorinvestering. |
| Doel | Impact realiseren van onderzoek op onderwijs. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In 2020/21 is het aantal studenten dat in aanraking komt met onderzoek ten minste 120. In studiejaar 2020/21 is de totale formatie in het kenniscentrum 16,5 fte, als volgt verdeeld: docentonderzoekers (8,5 fte), promovendi (2 fte) en gepromoveerden (6 fte). |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In 2024 is het aantal studenten dat in aanraking komt met onderzoek ten minste 120. In 2024 is de totale formatie in het kenniscentrum 20 fte, als volgt verdeeld: docentonderzoekers (10 fte), promovendi (3 fte) en gepromoveerden (7 fte) |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2021 zijn 200 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Er hebben 50 docenten (13,1 fte) gewerkt in het kenniscentrum, waaronder twee promovendi. Van deze docenten is minimaal de helft gepromoveerd. |
| Inhoudelijke toelichting | De jaarlijkse investering van 0,4 miljoen euro voor Kenniscentrum Bio Based Economy is in 2020/21 gecontinueerd om impact op onderwijs te realiseren. Met dit geld hebben we voor studenten de mogelijkheid gecreëerd om ervaring op te doen in onderzoek in innovatiewerkplaatsen, en voor docenten de mogelijkheid zich te ontwikkelen tot docent-onderzoeker of promovendus. In 2022 zijn 230 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Hiermee bedoelen we dat ze bijgedragen hebben aan onderzoek in het kader van hun curriculum. Er hebben gemiddeld 51 docenten (15,5 fte) gewerkt in het kenniscentrum, waaronder 6 promovendi. Van deze docenten is meer dan de helft gepromoveerd. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 2.9.a: | Uitvoering roadmap Centre of Expertise Healthy Ageing |
|---|---|
| Ingangsdatum | Vanaf 2015: voorinvestering. |
| Doel | Impact realiseren van onderzoek op onderwijs. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In studiejaar 2020/21 is het aantal studenten dat in aanraking komt met het speerpunt Healthy Ageing toegenomen ten opzichte van 2018 (1746 studenten). |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In 2024 is het aantal studenten dat in aanraking komt met het speerpunt Healthy Ageing toegenomen ten opzichte van 2020/21. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2020/21 zijn 1800 studenten bij het Centre of Expertise Healthy Ageing in aanraking gekomen met onderzoek. Binnen het CoE werken nu 132 docent-onderzoekers en 84 promovendi en gepromoveerden. |
| Inhoudelijke toelichting | De vrijgespeelde gelden vanaf 2014/15 voor het CoE Healthy Ageing met als doel om onderwijs en onderzoek meer met elkaar te verbinden, zijn in 2020 gecontinueerd. Hiermee zijn routes en opleidingen ontwikkeld voor studenten om in aanraking te komen met de speerpunten van onze hogeschool en met onderzoek in innovatiewerkplaatsen. Resultaten uit onderzoek zijn opgenomen in het onderwijs. In 2021/22 zijn 2.000 studenten bij het Centre of Expertise Healthy Ageing in aanraking gekomen met onderzoek. Binnen het CoE Healthy Ageing zijn 86 docent-onderzoekers actief (19,8 fte) en 7 postdocs (1,3 fte). Hiervan zijn er 15 gepromoveerd. Daarnaast zijn 22 promovendi (4,9 fte) bezig met onderzoek. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 2.9.b: | Uitvoering roadmap Centre of Expertise Energie |
|---|---|
| Ingangsdatum | Vanaf 2015: voorinvestering. |
| Doel | Impact realiseren van onderzoek op onderwijs. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | In studiejaar 2020/21 is het aantal studenten dat in aanraking komt met het speerpunt Energie toegenomen ten opzichte van 2018 (202 studenten). |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In 2024 is het aantal studenten dat in aanraking komt met het speerpunt Energie toegenomen ten opzichte van 2020/21. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2020/21 zijn er in totaal 562 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Daarnaast zijn er 56 docent-onderzoekers (18,5 fte) actief in het CoE, waarvan een deel promovendi en gepromoveerde docenten. |
| Inhoudelijke toelichting | De vrijgespeelde gelden vanaf 2014/15 voor het Centre of Expertise Energie om onderwijs en onderzoek meer met elkaar te verbinden, zijn in 2020 gecontinueerd. Daarmee zijn routes en opleidingen ontwikkeld voor studenten om in aanraking te komen met de speerpunten van onze hogeschool en met onderzoek in innovatiewerkplaatsen. Resultaten uit onderzoek zijn opgenomen in het onderwijs. In 2022 zijn 400 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Daarnaast zijn er 63 (18,6) docent onderzoekers actief in het CoE, waarvan een deel promovendi en gepromoveerde studenten. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
Investeringslijn 3: goede en passende faciliteiten
In 2022 is er een grote verhuizing geweest van de stafdiensten van de Hanzehogeschool. De betrokken medewerkers zijn allemaal gaan werken conform het concept van de Hanze Vitale Werkomgeving.
In 2022 zijn er 700 stroompunten gerealiseerd. Ook is het aantal stiltewerkplekken in elke tentamenperiode uitgebreid met 500 extra plekken. Daarnaast is er een samenwerking gestart met cultuurcentrum De Oosterpoort voor het gebruik van stiltewerkplekken door studenten.
Bij de maatregel ‘leren in ontmoeting’ zijn 28 lokalen gerealiseerd op de Campus van de Hanzehogeschool. Deze lokalen zijn gerealiseerd in verschillende gebouwen en ingericht met flexibel meubilair. Deze lokalen nodigen meer uit tot ontmoeten en zijn passend bij het toekomstige onderwijs. Er zijn in deze fase 4 ‘lokalen van de toekomst’ gerealiseerd. Op basis van de evaluatie van het meubilair wordt dit in 2023 verder uitgerold over de gebouwen. Daarnaast is er in de Marie KamphuisBorg 400m2 studielandschap en ontmoetingsruimte aangepast om meer en betere plekken te creëren voor studenten om elkaar te ontmoeten en samen te studeren.
In 2022 zijn bij Academie Minerva extra studio’s voor studenten gerealiseerd. Daarnaast zijn er meerdere labzalen in de Van DoorenVeste gerealiseerd.
Ten slotte zijn we eind 2021 begonnen met de verbouwing en inrichting van de maakplaats Techniek. Deze maakplaats is medio mei 2022 in gebruik genomen. De extra formatie voor beheer van de bestaande labs is geheel ingevuld.
Voorbeeld: Hanze Makerspace: walhalla voor knutselaars en creatievelingen
| Maatregel 3.1: | Flexibele werkplekken |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2020. |
| Doel | Het realiseren van flexibele werkplekken door het versneld invoeren van de vitale werkomgeving. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | 200 flexibele werkplekken voor medewerkers ten opzichte van het studiejaar 2019/20. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Het doel voor 2024 wordt in de herijking van het plan in het voorjaar van 2022 verder uitgewerkt. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2021 zijn er 140 nieuwe flexibele werkplekken gerealiseerd bij het stafbureau Informatisering en het instituut voor Rechtenstudies. |
| Inhoudelijke toelichting | De flexibele werkplekken worden gerealiseerd op basis van het concept 'de Vitale Hanze Werkomgeving'. Hierin staat de medewerker centraal. Het geeft de medewerker, binnen bepaalde grenzen, de ruimte en vrijheid om te bepalen hoe, waar, wanneer, waarmee en met wie hij samenwerkt. Uitgangspunten hierin zijn de ontwikkeling van onze hogeschool als netwerkorganisatie die kennis delen en ontmoeten stimuleert, die bijdraagt aan het nieuwe Gezonde Werken 2.0 en leidt tot een goede bezetting van de gebouwen, zodat leegstand wordt voorkomen. Op basis van dit concept is voor het instituut voor Rechtenstudies en voor het stafbureau Informatisering een programma van wensen en eisen opgesteld met betrekking tot inrichting en faciliteiten van de werkplek en werkomgeving. Dit heeft geleid tot inrichtingsvoorstellen die vervolgens tot uitvoering zijn gekomen. Dit heeft geleid tot 140 flexibele werkplekken. In 2022 zijn alle stafdiensten overgegaan op activity based working in de Van OlstBorg en is 480m2 in de Marie KamphuisBorg aangepast. Dit alles is gedaan conform de ‘Vitale Hanze Werkomgeving’. |
| Bijstellingen | Het concept 'Vitale Hanze Werkomgeving zal ook leidend zijn voor de inrichting van de werkomgeving van andere organisatieonderdelen. |
| Maatregel 3.2: | Stroompunten |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Realiseren van meer stroompunten in elk gebouw. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Eind 2021 hebben we 1.500 extra stroompunten in onze gebouwen gerealiseerd. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Eind 2024 hebben we 3.000 extra stroompunten in onze gebouwen gerealiseerd. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In 2021 hebben we 2.900 nieuwe stroompunten gerealiseerd. |
| Inhoudelijke toelichting | In het studiejaar 2020/21 zijn binnen het Project Zernikeplein 7 de fases 3 en 4 uitgevoerd. In deze fases zijn in totaal ruim 3.500 wandcontactdozen geplaatst op 1.250 werkplekken. Het ging voor een deel om vervanging van oude wandcontactdozen. In totaal zijn er 1.250 nieuwe wandcontactdozen gerealiseerd die 2.900 nieuwe stroompunten hebben opgeleverd. In de komende jaren gaan we verder investeren in nieuwe stroompunten. In het studiejaar 2021/2022 zijn 700 nieuwe stroompunten gerealiseerd in de verschillende gebouwen van de Hanzehogeschool. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 3.3: | Webroombooking |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Het uitbreiden van de functionaliteit webroombooking en meer ruimtes boekbaar maken. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Studenten kunnen in webroombooking 60 extra ruimtes boeken voor studie. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Het doel voor 2024 wordt nader uitgewerkt in het plan voor het Facilitair Bedrijf voor 2024. |
| Bereikte resultaten in 2021 | Er zijn 30 ruimtes extra beschikbaar voor webroombooking. Het aantal uren waarin de ruimtes beschikbaar zijn, zijn uitgebreid. |
| Inhoudelijke toelichting | In de afgelopen jaren is de functionaliteit van de webroombooking aangepast. Hierdoor is het voor studenten eenvoudiger geworden om ruimtes te reserveren. Met webroombooking kan ook apparatuur gereserveerd worden. Vanwege de coronapandemie zijn sommige ruimtes tijdelijk weer uit webroombooking gehaald, omdat deze beschikbaar moeten zijn voor online of hybride onderwijs. Per saldo is daarom de uitbreiding van het aantal ruimtes beperkt tot 30. Wel zijn er meer uren beschikbaar gekomen voor studenten. In 2022 is het aantal ruimtes weer opgeschaald naar 60. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 3.4: | Stiltewerkplekken |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Het inzetten van bestaande ruimtes op onze hogeschool als stiltewerkplekken tijdens tentamenperiodes met toezichthouders. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Er zijn 500 meer stiltewerkplekken beschikbaar tijdens tentamenperiodes en toezicht is geregeld. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Continuering van het aantal stiltewerkplekken en uitvoering van de pilot met sensoren om tot een nog optimalere bezetting van de gebouwen te komen. |
| Bereikte resultaten in 2021 | We zijn bezig het aantal stilteplekken op de Campus uit te breiden met 500 plekken. |
| Inhoudelijke toelichting | In de afgelopen periodes zijn er extern ruimtes gehuurd om stiltewerkplekken te realiseren. Daarnaast is er een pilot gedraaid met sensoren in de reguliere stilteruimte in de Mediatheek, die signaleren of een plek bezet is. Gekoppeld aan deze sensoren is een applicatie gebouwd die zichtbaar maakt wat normaal gesproken de rustige en drukke momenten zijn. De student kan via webroombooking deze gegevens inzien en zo het moment kiezen waarop hij of zij van deze stilteruimte gebruik wil maken. Deze pilot zal worden uitgebreid naar andere stilteruimtes. Vanwege het succes is de pilot in 2022 verder uitgebreid naar de andere stilteruimtes. Elke tentamenperiode wordt het aantal stilteplekken uitgebreid met 500 extra plekken. Daarnaast zijn er extra plekken gerealiseerd in cultuurcentrum De Oosterpoort, in samenwerking met SPOT. |
| Bijstellingen | De pilot met sensoren is onderdeel geworden van de maatregel om zo tot een nog betere benutting van de stiltewerkplekken te komen en studenten sneller inzicht te geven of en waar er ruimte is. |
| Maatregel 3.5: | Leren in ontmoeting |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Het aanpassen van algemene onderwijsruimtes om leren in ontmoeting en projectmatig werken beter te kunnen faciliteren. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Er is 4.000 m2 aan onderwijsruimtes aangepast. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Er is 12.000 m2 aan onderwijsruimtes aangepast. |
| Bereikte resultaten in 2021 | Er wordt op dit moment gewerkt aan een plan voor het aanpassen van 1.500 m2 aan onderwijsruimtes per september 2022. |
| Inhoudelijke toelichting | Door verhuisbewegingen komen ruimtes in bepaalde gebouwen vrij die we willen gaan inrichten voor leren in ontmoeting en projectmatig werken. Aan gebruikers hebben we gevraagd hoe zij de verschillende gebouwen ervaren en beleven. De uitkomsten hiervan worden op dit moment geanalyseerd en gebruikt om een meer aantrekkelijke leer- en werkomgeving te creëren. Ook betrekken we hierbij de uitkomsten van quick scans die in alle gebouwen zijn gedaan met betrekking tot de kwaliteit van gebouwen, in relatie tot de eisen die gesteld zijn in het Integrale Handboek Kwaliteit Gebouwen. In 2022 is er 2.680 m2 aangepast voor ‘Leren in ontmoeting’. In verschillende panden van onze hogeschool zijn lokalen gerealiseerd, wat een diversiteit aan lokalen heeft opgeleverd. Voorbeelden hiervan zijn HILL- ruimten en het ‘lokaal van de toekomst’ met flexibel meubilair. Daarnaast is in de Marie KamphuisBorg het studielandschap en de ontmoetingsruimte aangepast, wat meer moet uitnodigen tot ontmoeten tussen studenten onderling en met docenten. |
| Bijstellingen | Gebleken is dat er vaak ook bouwkundige ingrepen nodig zijn voor het aanpassen van ruimten om ‘Leren in ontmoeting’ beter te kunnen faciliteren. De intentie is om dit onderdeel van deze maatregel te maken. |
| Maatregel 3.6: | Practicumruimtes |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2020. |
| Doel | Het realiseren of aanpassen van practicumruimtes. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Er is 2.000 m2 aan practicumruimtes gerealiseerd of aangepast. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Er is 5.000 m2 aan practicumruimtes gerealiseerd of aangepast. |
| Bereikte resultaten in 2021 | Er is een nieuwe practicumruimte voor de opleiding Ergotherapie gerealiseerd. Andere ruimtes zijn aangepast. In totaal is er 900 m2 aan practicumruimtes gerealiseerd en/of aangepast. |
| Inhoudelijke toelichting | Conform het kwaliteitsplan is de praktijkruimte voor de nieuwe opleiding Ergotherapie in 2020/21 gerealiseerd. Dit is tijdig gebeurd voordat de opleiding Ergotherapie van start gaat in september 2021. Daarnaast hebben we in de kelder van het gebouw aan de Praediniussingel meerdere studio’s of ateliers voor Academie Minerva gerealiseerd. De school Life Science and Technology heeft een analyseapparaat in gebruik genomen (gedoneerd door het werkveld), waarvoor een labruimte wordt aangepast. In 2022 is er 170 m2 extra aan studio’s voor Minerva gerealiseerd. Daarnaast is er 160 m2 aan extra labzalen in de Van Doorenveste gerealiseerd. |
| Bijstellingen | De kosten van het aanpassen vallen duurder uit dan vooraf was ingeschat. Dat heeft te maken met de stijging van de bouwkosten, maar ook met innovatie rondom de inzet en (daardoor) de toegevoegde waarde voor het onderwijs van practicumruimtes. De norm aan te behalen vierkante meters voor 2024 zal naar beneden worden bijgesteld. |
| Maatregel 3.7.a: | Maakplaats Techniek |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Het verbouwen en inrichten van generieke labs/werkplaatsen ten behoeve van de technische opleidingen. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Eind 2021 is de maakplaats ingericht en het beheer geregeld. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | In 2024 is de maakplaats ingericht en wordt het gebruikt voor het onderwijs. |
| Bereikte resultaten in 2021 | De verbouwing van de maakplaats is in december 2021 gestart. Deze zal in mei 2022 gereed zijn. |
| Inhoudelijke toelichting | Het heeft meer tijd gekost om het plan van eisen op te stellen. Hierdoor is er vertraging in het gehele proces ontstaan. Medio mei 2022 is de maakplaats in gebruik genomen. |
| Bijstellingen | Niet van toepassing. |
| Maatregel 3.7.b: | Beheer bestaande labs |
|---|---|
| Ingangsdatum | September 2019. |
| Doel | Het uitbreiden van het beheer voor de bestaande labs. |
| Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? | Eind 2021 is er 9,7 fte extra ingezet voor beheer van de bestaande labs. |
| Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? | Eind 2024 is er 9,7 fte extra ingezet voor het beheer van de bestaande labs. |
| Bereikte resultaten in 2021 | In studiejaar 2020/21 is er 6,5 fte ingezet. Het budget voor het studiejaar 2021/22 is verhoogd, waardoor er in 2021/22 9,7 fte ingezet kan worden. |
| Inhoudelijke toelichting | Het beheer van bestaande labs is uitgebreid. Om de uitbreiding van het beheer sneller te realiseren, is tijdelijk gebruik gemaakt van de overgebleven middelen bij de maakplaats Techniek (maatregel 3.7.a). In studiejaar 2021/22 is de formatie voor het beheer van de bestaande labs volgens plan ingezet. |
| Bijstellingen | Om de uitbreiding van het beheer sneller te realiseren, is tijdelijk gebruik gemaakt van de overgebleven middelen bij de maakplaats Techniek (maatregel 3.7.a). |
Financieel overzicht voortgang kwaliteitsafspraken
| Investeringslijnen en maatregelen | realisatie 2019 | realisatie 2020 | realisatie 2021 | realisatie 2022 | begroting 2023 | begroting 2024 |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beschikbare gelden | 7.539 | 9.239 | 15.754 | 19.863 | 20.961 | 23.716 |
| Studentbegeleiding en -welzijn | realisatie 2019 | realisatie 2020 | realisatie 2021 | realisatie 2022 | begroting 2023 | begroting 2024 |
| 1.1 Ontwikkeling studentbegeleiders | 0 | 15 | 55 | 129 | 143 | 182 |
| 1.2 Ruimte en tijd studentbegeleiders | 0 | 266 | 1.085 | 1.732 | 1.954 | 2.152 |
| 1.3 Studentpsychologen | 26 | 132 | 256 | 305 | 351 | 391 |
| 1.4 Student Academy | 28 | 101 | 142 | 100 | 192 | 239 |
| 1.5 Ruimte en tijd voor stage- en afstudeerbegeleiding | 1.500 | 1.500 | 1.500 | 1.500 | 1.500 | 1.500 |
| 1.6 Verhogen van onderwijsintensiteit | 3.300 | 3.300 | 3.300 | 3.300 | 3.300 | 3.300 |
| Totaal Studentbegeleiding en -welzijn | 4.854 | 5.314 | 6.337 | 7.066 | 7.440 | 7.764 |
| Ontwikkeling van medewerkers | realisatie 2019 | realisatie 2020 | realisatie 2021 | realisatie 2022 | begroting 2023 | begroting 2024 |
| 2.1.a Centraliseren financiering BDB-cursussen | 0 | 373 | 1.287 | 1.871 | 1.549 | 1.471 |
| 2.1.b Opstellen professionaliseringsplannen | 0 | 0 | 181 | 381 | 677 | 677 |
| 2.2 Docenten in de praktijk | 0 | 66 | 571 | 1.406 | 2.221 | 2.649 |
| 2.3 Taakreductie | 0 | 309 | 1.218 | 2.132 | 648 | 648 |
| 2.4 PL Academy | 25 | 85 | 112 | 83 | 149 | 149 |
| 2.5 Interdisciplinair samenwerken | 0 | 91 | 298 | 457 | 447 | 601 |
| 2.6 Succesfactoren leergemeenschap | 55 | 158 | 157 | 168 | 185 | 185 |
| 2.7 verhogen docentkwaliteit | 1.081 | 1.010 | 613 | 624 | 1.000 | 1.000 |
| 2.8 kenniscentrum Biobased Economy | 400 | 400 | 400 | 400 | 400 | 400 |
| 2.9 investeren in speerpunten Healthy Ageing en Energie | 1.000 | 1.000 | 1.000 | 1.000 | 1.000 | 1.000 |
| Totaal ontwikkeling van medewerkers | 2.561 | 3.491 | 5.836 | 8.522 | 8.276 | 8.780 |
| Passende en goede onderwijsfaciliteiten | realisatie 2019 | realisatie 2020 | realisatie 2021 | realisatie 2022 | begroting 2023 | begroting 2024 |
| 3.1 Flexibele werkplekken (vitale werkomgeving) | 0 | 0 | 7 | 4 | 50 | 72 |
| 3.2 Stroompunten | 0 | 0 | 7 | 19 | 34 | 45 |
| 3.3 Webroombooking | 4 | 27 | 37 | 0 | 0 | 0 |
| 3.4 Stiltewerkplekken | 7 | 50 | 85 | 48 | 41 | 41 |
| 3.5 Leren in ontmoeting | 50 | 101 | 38 | 33 | 1.677 | 1.677 |
| 3.6 Het aanpassen van practicaruimtes | 0 | 2 | 20 | 19 | 124 | 194 |
| 3.7a Maakplaats techniek | 0 | 41 | 153 | 392 | 498 | 498 |
| 3.7b Uitbreiding beheer bestaande werkplaatsen | 64 | 217 | 359 | 548 | 664 | 664 |
| 3.8 State-of-the art andere domeinen | 0 | 0 | 0 | 11 | 187 | 281 |
| Totaal passende en goede onderwijsfaciliteiten | 126 | 439 | 706 | 1.073 | 3.276 | 3.472 |
| resultaat/verder in te vullen bij jaarplanproces | -2 | -5 | 2.875 | 3.202 | 1.970 | 3.700 |