Spring naar inhoud

Maatregelen Kwaliteitsafspraken

Maatregelen Kwaliteitsafspraken

Voortgang per maatregel

In onderstaande tabellen wordt per maatregel de voortgang weergegeven per jaar van de looptijd van de kwaliteitsafspraken. 2021 was een belangrijk jaar voor de tussentijdse toetsing door de NVAO, daarom worden de doelen voor dat jaar apart benoemd. Voor de eindbeoordeling geeft deze weergave per jaar een goed overzicht van de maatregelen over de gehele looptijd van de kwaliteitsafspraken.

Investeringslijn 1: studentbegeleiding en studentwelzijn

Maatregel 1.1: Ontwikkeling van studentbegeleiders
Ingangsdatum September 2020.
Doel Opleiding en ontwikkeling van studentbegeleiders.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In studiejaar 2020/21 is 15 procent van alle studentbegeleiders opgeleid.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Eind 2024 zijn alle studentbegeleiders opgeleid.
Bereikte resultaten in 2021 In 2021 hebben 62 studentbegeleiders uren ontvangen om scholing te volgen. Dat is 19 procent van alle studentbegeleiders.
Bereikte resultaten in 2024 Studentbegeleiders worden maximaal gefaciliteerd in mogelijkheden; de beschikbare uren voor ontwikkeling studentbegeleiders zijn verdubbeld van 16 naar 32 uur en er heeft een professionaliseringsslag plaatsgevonden.
Inhoudelijke toelichting In 2020 zijn de eerste twee modules van het professionaliseringsprogramma voor studentbegeleiders ontwikkeld en aangeboden. Er is een module voor startende studentbegeleiders (Basisvaardigheden begeleiden) en een voor meer ervaren studentbegeleiders (de Communities of Practice (CoP)).

In 2021 hebben 62 docent-onderzoekers 16 uur ontvangen voor professionalising, in het kader van studentbegeleiding. Aan de module Basisvaardigheden begeleiden hebben 37 docent-onderzoekers deelgenomen; aan de CoP 14. Het programma wordt periodiek geëvalueerd en bijgesteld. Een deel van de docent-onderzoekers (11) heeft binnen de eigen school een scholingsprogramma gevolgd.

In 2022 hebben 67 Docent-onderzoekers 32 uur ontvangen voor professionalisering. Aan de module Studentbegeleiding: Basisvaardigheden hebben 31 docent-onderzoekers deelgenomen, aan de CoP 19. Een deel van de docent-onderzoekers(17) heeft binnen de eigen school een scholingsprogramma gevolgd. Nu het aantal beschikbare professionaliseringsuren is opgehoogd, vraagt dat om een uitgebreider pallet aan professionaliseringsmogelijkheden. Zo is er o.a. behoefte ontstaan aan begeleiding bij passende leerroutes. Ontwikkeld hiervoor wordt de module Studentbegeleiding: Coachen op Kiezen. Centraal in deze module staat: hoe begeleid je op een goede manier het keuzeproces waar studenten mee te maken hebben bij het samenstellen van een passende leerroute.

Met ingang van 2023 is de module Basisvaardigheden begeleiden van naam veranderd, namelijk Coach- & gespreksvaardigheden. Vanaf het najaar is hierin een onderdeel opgenomen over het voeren van gesprekken omtrent het Persoonlijk Studie Advies (PSA). In totaal hebben 21 collega’s hieraan deelgenomen, waarvan 14 docent-onderzoekers. Aan Coachen op Kiezen hebben in totaal 13 collega’s deelgenomen, waarvan 9 docent-onderzoekers. 7 deelnemers deden mee aan de Communities of Practice (CoP), waarvan 6 docent-onderzoekers.
Nieuw vanaf mei 2023 is de maandelijkse lezingenreeks waarin onderwerpen gelieerd aan studentbegeleiding aan de orde komen. De volgende 5 lezingen hebben plaatsgevonden: Neurodiversiteit, 33 deelnemers; Minder stress bij jezelf en studenten, 16 deelnemers; Diversiteit & Inclusie, 17 deelnemers; Begeleid leren voor studenten met psychische problemen, 32 deelnemers.

In 2024 is besloten de lezingenreeks te beëindigen als gevolg van achterblijvend deelnemersanimo. Hetzelfde geldt voor de Communities of Practice. Het bereiken van studentbegeleiders is nu duurzaam belegd bij het platform Studentbegeleiding. De ontwikkelmogelijkheden ´Coachen op kiezen´ en ´Coach- & gespreksvaardigheden´ zijn op basis van evaluatieresultaten uitgebreid met een extra dagdeel, naar resp. 3 en 5 dagdelen. Gedurende het jaar hebben in totaal 100 collega´s deelgenomen aan een van de centraal aangeboden ontwikkelactiviteiten. Al met al zien we dat het thema studentbegeleiding in 2024 veel aandacht had binnen de Schools en ook de ontwikkelactiviteiten daarop. Wel vinden die veelal plaats buiten het reguliere PL Academy aanbod, namelijk in de vorm van op maat trainingen door de PL Academy trainers, of door de inzet van externe partijen.
Bijstellingen Het aantal beschikbare professionaliseringsuren per studentbegeleider is verhoogd van 16 naar 32 uur per studentbegeleider.
Maatregel 1.2: Ruimte en tijd voor studentbegeleiders
Ingangsdatum September 2020.
Doel Faciliteren van tijd en ruimte voor studentbegeleiders.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In studiejaar 2020/21 is aan onze hogeschool het aantal uren voor studentbegeleiders met 20 procent verruimd.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In 2024 is aan onze hogeschool het aantal uren voor studentbegeleiders met 35 procent verruimd ten opzichte van 2019/20
Bereikte resultaten in 2021 Eind 2021 is het aantal uren voor studentbegeleiding met 24 procent toegenomen. De NSE-score voor studenttevredenheid over de begeleiding is gestegen van 3,53 in 2018 naar 3,65 in 2021. Het aantal studenten dat tevreden of zeer tevreden is over de studentbegeleiding is gestegen tot 68 procent.
Bereikte resultaten in 2024 De NSE-score voor studenttevredenheid over de begeleiding is gestegen van 3,53 in 2018 naar 3,79 in 2024. Het aantal studenten dat tevreden of zeer tevreden is over de studentbegeleiding is gestegen tot 70 procent.
Inhoudelijke toelichting Vanaf het studiejaar 2020/21 wordt jaarlijks geïnvesteerd in extra uren voor studentbegeleiders. In het eerste studiejaar hebben schools onderzoek gedaan naar hoe de studentbegeleiding binnen hun school verder verbeterd kan worden. De komende jaren zal het aantal uren begeleiding verder uitgebreid worden.

Het grootste gedeelte van de gelden is besteed aan extra uren en extra inzet van studiebegeleiding. Voor eerstejaars was normaliter al veel studiebegeleiding beschikbaar, maar met inzet van de extra gelden konden de schools meer studiebegeleiding van ouderejaarsstudenten aanbieden. Deze inzet is breder dan alleen Ad- of bacheloronderwijs; de uren zijn ook beschikbaar voor masterstudenten. Verder werden extra uren besteed aan de zogenaamde studievertragers of staartstudenten.

Verder is geld besteed aan onder meer het aanstellen van een aandachtsfunctionaris, intervisietraining voor coaches en het inrichten van een study- en careerdesk of een SLB-loket.

In 2022 is het bestaande beleid gecontinueerd. De NSE-score op studiebegeleiding is in 2022 gestegen naar 3,71.

In 2023 is het Platform Studentbegeleiding opgericht waarin alle schools vertegenwoordigd zijn om te komen tot gedeelde kennis en visie op studentbegeleiding.
Daarnaast wordt onderzoek uitgevoerd om te komen tot inzichten over het effect van deze maatregel.

In 2024 is te zien dat er veel aandacht is geweest voor studentbegeleiding en dat de investeringen hebben geleid naar diverse initiatieven binnen de verschillende opleidingen, zoals support desks en meer ruimte voor studentbegeleiders om persoonlijke aandacht te geven een maatwerk te bieden waar nodig. Ook is er extra geïnvesteerd in het opstarten lange termijn onderzoek naar studentenwelzijn om zo de studentenpopulatie te kunnen blijven monitoren.
Bijstellingen Het overgebleven geld zal in de komende jaren beschikbaar zijn voor verdere uitbreiding. Er is geen beleidsbijstelling nodig.
Maatregel 1.3: Studentpsychologen
Ingangsdatum September 2019.
Doel Toegang tot 3 fte studentpsychologen in 2020.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Studenten hebben vanaf 2020 laagdrempelige toegang tot psychologische begeleiding.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Studenten hebben vanaf 2020 een laagdrempelige toegang tot psychologische begeleiding.
Bereikte resultaten in 2021 Eind 2021 zijn er vier studentpsychologen in dienst, met een omvang van 3 fte.
Bereikte resultaten in 2024 Eind 2024 zijn er vijf studentpsychologen in dienst, met een omvang van 3,8 fte.
Inhoudelijke toelichting De werving van de drie studentpsychologen is afgerond. Ze hebben in kalenderjaar 2021 in totaal 315 studenten begeleid. Gemiddeld zijn er per student vier gesprekken geweest.

In 2022 zijn 504 studenten in traject geweest bij een de studentenpsycholoog, waarvan 28% internationale studenten waren. Er zijn 1827 afspraken geweest met een studentenpsycholoog. Gemiddeld zijn er per student vier gesprekken geweest. De hulpvragen waarmee studenten zich meldden, waren onder andere: angst- en paniekklachten, (studie)stress, somberheid en omgaan met thuissituatie (mantelzorg). Daarnaast was er nog sprake van specifieke coronagerelateerde hulpvragen, zoals eenzaamheid, motivatie- en concentratieproblemen als gevolg van coronamaatregelen.

In 2023 was er 3 FTE inzet studentpsychologen. Er zijn 1900 gesprekken gevoerd en de gemiddelde wachttijd was twee weken. Er zijn diverse groepsbegeleidingen opgestart die zijn begeleid door psychologen.

In 2024 was er 3,8 FTE inzet studentpsychologen. Er waren 1552 gesprekken en de gemiddelde wachttijd was minder dan twee weken. Er zijn diverse groepsbegeleidingen opgestart die zijn begeleid door psychologen. 212 studenten hebben gebruik gemaakt van de Quick Referral Screening. Dat is een online intake van tien minuten, waar de student binnen een week terecht kan. Daarin hoort de student of een traject bij een studentpsycholoog passend is, of krijgt een doorverwijzing naar de huisarts, GGZ of een studentendecaan.
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 1.4: Hanze Student Support
Ingangsdatum September 2019.
Doel Uitbreiding van het aanbod en de coachingsmogelijkheden van Hanze Student Support.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In 2020 heeft de Student Academy het aanbod uitgebreid en gepositioneerd. Uit een kwalitatieve en kwantitatieve evaluatie in 2021 blijkt dat het bereik en de vindbaarheid van Hanze Student Support zijn verbeterd.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Een uitbreiding van het aanbod en het beter positioneren van Hanze Student Support.
Bereikte resultaten in 2021 400 studenten hebben deelgenomen aan de door Hanze Student Support gegeven cursussen.
Bereikte resultaten in 2024 De afdeling Hanze Student Support is stevig doorontwikkeld in aanbod en bekendheid bij studenten. Veel studenten hebben deelgenomen aan de door Hanze Student Support gegeven cursussen, zowel fysiek als online.
Inhoudelijke toelichting Hanze Student Support heeft in 2021 achttien verschillende cursussen, vier begeleide groepen en 30 verschillende online zelfhulpmodules aangeboden. De cursussen, sommige ook in het Engels aangeboden, worden vooral gegeven door docenten van onze hogeschool; enkele door externe trainers. Het vaakst gevolgd zijn de cursussen gericht op effectief studeren, omgang met faalangst en mindfulness. De vier begeleide groepen waren gericht op studievoortgang (het meest bezocht), studeren en mantelzorg, rouw- en verlies en studeren met een chronisch ziek familielid. Van de online zelfhulpmodules maken gemiddeld 60 studenten per maand gebruik. Nederlandse studenten kiezen vooral voor de modules ‘Angst en paniek’, ‘Depri’ en ‘Stress’. Bij de Engelstalige modules wordt vooral gekozen voor ‘Anxiety’, ‘Alcohol’ en ‘Relationship problems’. Doordat we meer en andere informatiekanalen gebruiken, weten steeds meer studenten de weg naar het aanbod te vinden.

In 2022 werden door Hanze Student Support 96 verschillende cursussen, begeleide groepen en online zelfhulpmodules aangeboden. Er hebben ruim 400 studenten deelgenomen aan een door Hanze Student Support georganiseerde cursus. De cursussen gericht op effectief studeren, omgang met faalangst en mindfulness werden het meest gevolgd. De vijf begeleide groepen waren gericht op studievoortgang, studeren met ASS (Autisme Spectrum Stoornis), studeren met AD(H)D, mantelzorg en studeren met een chronische ziekte. Aan de studievoortgangsgroep werd het meest deelgenomen.
Gemiddeld 50 studenten maakten per maand gebruik van de 31 verschillende online zelfhulpmodules. In totaal werden 890 online modules gevolgd door 631 verschillende studenten. Nederlandse studenten kozen vooral voor de modules ‘Concentratie & uitstelgedrag’, ‘Angst & paniek’ en ‘Stress’. Bij de Engelstalige modules werd vooral gekozen voor ‘Concentration & procrastination’, Anxiety’ en ‘Self-image’.

In 2023 waren er 400 deelnemers voor het aanbod cursussen en groepen. 640 studenten hebben een of meerdere e-health modules gevolgd. Een lichte daling wat te maken kan hebben met de lancering van een nieuw intranet. Voor de profilering van Hanze Student Support zijn educatiekaarten ontwikkeld.

In 2024 waren 385 deelnemers aan cursussen en groepen op locatie. 1078 studenten hebben een of meerdere e-health modules gevolgd

Diversiteit & Inclusie
Met ingang van 2023 is in de herijking besloten ook middelen vrij te maken voor het thema Diversiteit & Inclusie. Als doel is gesteld: via olievlekwerking bevorderen cultuurverandering ten aanzien van Diversiteit & Inclusie met focus op Onderwijsontwikkeling, Awareness, Vaardigheid en Sociale veiligheid. Gedurende het jaar is een start gemaakt met het aanbieden van verschillende activiteiten op de vier focuspunten. Te denken valt aan: onderzoekstheater, workshops en delen van informatie.

In 2024 is gebouwd aan een netwerk van Diversiteit & Inclusie ambassadeurs. Inmiddels is dat gegroeid tot 76 actieve deelnemers. Daarnaast is gewerkt aan het ontsluiten van een kennisbank van best practices, zijn er intervisiemomenten en een ambassadorsday. 375 mensen hebben deelgenomen aan workshops. 16 events hebben plaatsgevonden (denk aan Diversity day, safe space en dag tegen racisme).
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 1.5: Stage- en afstudeerbegeleiding
Ingangsdatum Ingangsdatum 2014/15 (voorinvestering).
Doel Faciliteren van tijd en ruimte voor studentbegeleiders in de fase van stage en afstuderen.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In studiejaar 2020/21 is de studenttevredenheid op het thema ‘Studentbegeleiding’ gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de NSE-meting in 2018.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In het studiejaar 2024 is de studenttevredenheid op het thema ‘Studentbegeleiding’ gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de NSE-meting in 2020/21.
Bereikte resultaten in 2021 De studenttevredenheid op het thema 'studentbegeleiding’ is in 2021 in de NSE-meting gestegen van 3,53 naar 3,65. Het percentage studenten dat tevreden of zeer tevreden is, is toegenomen tot 68 procent.
Bereikte resultaten in 2024 De studenttevredenheid op het thema 'studentbegeleiding’ is in 2024 in de NSE-meting gestegen van 3,53 naar 3,79. Het percentage studenten dat tevreden of zeer tevreden is, is toegenomen tot 70 procent.
Inhoudelijke toelichting In studiejaar 2014/15 is in het kader van de voorinvesteringen 1,5 miljoen euro aan extra middelen beschikbaar gesteld voor het intensiveren van de begeleiding van studenten die zich in de stage- en afstudeerfase bevinden.
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 1.6: Verhogen onderwijsintensiteit
Ingangsdatum 2016 en 2017 (voorinvestering).
Doel Het verhogen van de onderwijsintensiteit door extra middelen voor het onderwijs beschikbaar te stellen, in afwachting van de studievoorschotmiddelen.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In studiejaar 2020/21 is het relatieve aandeel van de schools in het totale batenbudget (rijksbijdrage en collegegeld) minimaal gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de begroting van 2019/20.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In het studiejaar 2023/24 is het relatieve aandeel van de schools in het totale batenbudget (rijksbijdrage en collegegeld) minimaal gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de begroting van 2019/20.
Bereikte resultaten in 2021 Het aandeel van de schools in het totaalbudget van 2019/20 was 55,3 procent. In studiejaar 2020/21 was dit aandeel 55,8 procent (bron: begroting 2020/21).
Bereikte resultaten in 2024 Het aandeel van de schools in het totaalbudget van 2019/20 was 55,3 procent. In 2024 was dit aandeel 56,8 procent (bron: begroting 2024).
Inhoudelijke toelichting -
Bijstellingen Niet van toepassing

Investeringslijn 2: ontwikkeling van medewerkers

Maatregel 2.1.a: Centraliseren van BDB-cursussen
Ingangsdatum September 2020.
Doel Het centraliseren van de financiering van de leergang Basiskwalificatie Didactische Bekwaamheid (BDB).
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In 2021 worden 76 BDB-leergangen gefinancierd uit de kwaliteitsgelden.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In 2024 zijn 362 BDB-cursussen uit de kwaliteitsgelden gefinancierd.
Bereikte resultaten in 2021 In 2021 hebben 83 docent-onderzoekers deelgenomen aan de BDB.
Bereikte resultaten in 2024 In totaal zijn 479 BDB leergangen vanuit de kwaliteitsgelden gefinancierd.
Inhoudelijke toelichting Met ingang van studiejaar 2020/21 wordt de financiering voor de BDB centraal bekostigd. De hiermee vrijgespeelde gelden worden door de schools besteed aan de ontwikkeling van hun medewerkers.

In 2021 hebben 83 docent-onderzoekers deelgenomen aan de BDB. Daarnaast hebben elf docent-onderzoekers een maatwerktraject doorlopen. Tien docent-onderzoekers hebben gebruik gemaakt van de procedure bekwaamheidsverklaring. De BDB is geactualiseerd en sluit aan bij de onderwijsontwikkelingen binnen onze hogeschool en is passend bij de rol(len) van docent-onderzoeker.

In 2022 hebben 151 docentonderzoekers deelgenomen aan de reguliere BDB en 3 aan de bekwaamheidsprocedure. De vormgeving van de BDB is volledig aangepast in lijn met de flexibiliseringsslag die ook gemaakt wordt binnen het onderwijs aan studenten. Er is nu sprake van CoL-groepen, een basisprogramma en een keuzeprogramma.

Met ingang van studiejaar 2020/21 wordt de financiering voor de BDB centraal bekostigd. De hiermee vrijgespeelde gelden worden door de schools besteed aan de ontwikkeling van hun medewerkers.
In 2021 hebben 83 docent-onderzoekers deelgenomen aan de BDB. Daarnaast hebben elf docent-onderzoekers een maatwerktraject doorlopen. Tien docent-onderzoekers hebben gebruik gemaakt van de procedure bekwaamheidsverklaring. De BDB is geactualiseerd en sluit aan bij de onderwijsontwikkelingen binnen onze hogeschool en is passend bij de rol(len) van docent-onderzoeker.
In 2022 hebben 151 docentonderzoekers deelgenomen aan de reguliere BDB en 3 aan de bekwaamheidsprocedure. De vormgeving van de BDB is volledig aangepast, in lijn met de flexibilisering van het onderwijs aan studenten. Er is nu sprake van CoL-groepen, een basisprogramma en een keuzeprogramma.
In 2023 zijn in totaal 154 docent-onderzoekers gestart met een BDB variant. 129 van hen hebben deze inmiddels afgerond, de overige 25 zijn in oktober of december gestart en zullen eea in 2024 afronden. Vanaf november 2023 zijn de BDB keuzemodules ook opengesteld voor deelname door docent-onderzoekers die al langere tijd binnen de Hanze werkzaam zijn en de BDB al in een eerder stadium gehaald hebben. Op deze manier kunnen zij kennisnemen van actuele didactische ontwikkelingen. In 2023 hebben hieraan 10 collega docent-onderzoekers deelgenomen.

In 2024 hebben de in 2023 gestarte collega's hun BDB afgerond. In 2024 is geen januari-groep gestart. In de huidige BDB-leergangen nemen 91 collega's deel, zij zullen in 2025 afronden.
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 2.1.b: Opstellen professionaliseringsplannen
Ingangsdatum September 2020.
Doel Het faciliteren van organisatieonderdelen om tot goede professionaliseringsplannen te komen.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Ieder onderdeel heeft in het kader van de planning-en-controlcyclus een professionaliseringsplan opgesteld.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Jaarlijks wordt het professionaliseringsplan via het jaarplan herijkt en via de managementrapportages gevolgd.
Bereikte resultaten in 2021 Ieder onderdeel heeft in het kader van het studiejaar 2021/22 een professionaliseringsplan opgesteld.
Bereikte resultaten in 2024 Gedurende de gehele periode zijn er jaarlijks professionaliseringsplannen opgeleverd door alle organisatieonderdelen.
Inhoudelijke toelichting Het opgestelde professionaliseringsplan vormt de basis voor de scholingsactiviteiten van ieder organisatieonderdeel. Het plan biedt handvatten om de scholingsactiviteiten structureler in te bedden en af te stemmen met de strategische agenda van onze hogeschool. De opgestelde professionaliseringsplannen zijn of worden in afstemming met de organisatieonderdelen vertaald in passende professionaliseringsproducten. De organisatieonderdelen rapporteren de voortgang in hun viermaandelijkse managementrapportages.
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 2.2: Docenten in de praktijk
Ingangsdatum September 2020.
Doel Het mogelijk maken van docentuitwisseling, -detachering of -stages in de praktijk of in leergemeenschappen.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In studiejaar 2020/21 heeft 5 procent van de docent-onderzoekers met een aanstelling van 0,5 fte of hoger, ervaring opgedaan in de beroepspraktijk. Dit komt neer op 63 docent-onderzoekers.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Eind 2024 heeft minimaal 80 procent van de docent-onderzoekers met een aanstelling van 0,5 fte of hoger ervaring opgedaan in de praktijk of leergemeenschappen.
Bereikte resultaten in 2021 In 2020/21 hebben 38 van de geselecteerde 63 docent-onderzoekers ervaring opgedaan. Bij de overige 25 docent-onderzoekers is dit door de coronapandemie niet gelukt.
Bereikte resultaten in 2024 Eind 2024 heeft minimaal 80 procent van de docent-onderzoekers met een aanstelling van 0,5 fte of hoger ervaring opgedaan in de praktijk of leergemeenschappen.
Inhoudelijke toelichting In 2020/21 hebben 63 docent-onderzoekers verdeeld over zes voorhoede-schools per docent-onderzoeker 104 uur ontvangen. We hebben hier vertraging zien optreden. Vanwege de coronapandemie was het voor de zes deelnemende schools lastiger om docenten stages te laten lopen. Bij die schools waar dat niet geheel is gelukt, zal de stage in studiejaar 2021/22 plaatsvinden.

De werkwijze van de voorhoede-schools is geëvalueerd, met als opbrengst een adviesdocument voor alle schools. Na de zomer zijn 252 docent-onderzoekers gestart (ongeveer 20 procent van het totaal).

In 2022 is voor het eerst vrijwel het gehele begrootte bedrag ingezet om docenten in de praktijk mee te laten lopen. Daar waar (corona)maatregelen dat in voorgaande jaren lastig maakten.

In 2023 is 77% van het begrote bedrag aangewend om docent-onderzoekers activiteiten te laten ontplooien in de werkpraktijk.

In 2024 is 94 % van het begrote bedrag aangewend om docent-onderzoekers activiteiten te laten ontplooien in de werkpraktijk.
Bijstellingen Geen bijstellingen.
Maatregel 2.3: Vermindering taakbelasting nieuwe docenten
Ingangsdatum September 2020.
Doel Taakreductie (met 20 procent) voor startende docent-onderzoekers en financiering van de begeleiding van deze docent-onderzoekers door buddy’s.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Het realiseren van het doel ten aanzien van taakreductie en begeleiding.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Het realiseren van het doel ten aanzien van taakreductie en begeleiding.
Bereikte resultaten in 2021 In 2021 is voor 13 fte gebruik gemaakt van taakreductie en zijn voor 1,3 fte buddy’s ingezet.
Bereikte resultaten in 2024 In 2024 is van de mogelijkheid taakreductie in te zetten goed gebruik gemaakt. Over geheel 2024 door 187 deelnemers.
Inhoudelijke toelichting Vanaf studiejaar 2020/21 krijgen nieuwe docent-onderzoekers die voor eerst in het hbo werkzaam zijn, in het eerste jaar 20 procent taakreductie. Zij worden begeleid door ervaren collega's. In studiejaar 2021/22 zijn, vanwege de Open Up financiering, veel nieuwe docent-onderzoekers gestart en is het aantal aanvragen voor taakreductie gestegen. In april is onder de nieuwe docent-onderzoekers en hun begeleiders een evaluatieonderzoek gedaan. Hieruit blijkt dat het grootste deel van de docent-onderzoekers zeer tevreden is met de taakreductie, maar dat ze behoefte hebben aan meer duidelijkheid over waarvoor de taakreductie gebruikt kan worden en wat van de buddy verwacht mag worden. Op basis hiervan is een flyer gemaakt waarin onder andere staat beschreven waar de taakreductie voor bedoeld is, wat de invulmogelijkheden zijn en wat er van een buddy verwacht mag worden.

In 2022 is aanzienlijk meer uitgegeven dan begroot door de grote instroom van docent-onderzoekers n.a.v. de NPO gelden. Dit lijkt een eenmalig effect te zijn die gefinancierd wordt vanuit andere nog niet bestede kwaliteitsgelden.

In 2023 hebben 328 collega's een deel van het jaar gebruik gemaakt van budget uit deze maatregel, het gaat daarbij om zowel nieuwe docent-onderzoekers als hun buddy's.

In 2024 is van de mogelijkheid taakreductie in te zetten goed gebruik gemaakt. Over geheel 2024 door 187 deelnemers.
Bijstellingen Geen bijstellingen
Maatregel 2.4: PL Academy
Ingangsdatum September 2019.
Doel Het ontwikkelen en aanbieden van stimulerende en inspirerende portfolioproducten en activiteiten die passen bij de strategische doelstellingen van onze hogeschool, en het helpen van medewerkers bij hun professionalisering. De PL Academy is hét professionaliseringsplatform waar het leren en ontwikkelen van medewerkers tot stand komt.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? De basisformatie is opgehoogd en het professionaliseringsaanbod is voor alle medewerkers uitgebreid.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In 2024 zijn randvoorwaarden geschapen om extra portfolioproducten en activiteiten te kunnen aanbieden.
Bereikte resultaten in 2021 In 2020 is de basisformatie opgehoogd. In 2021 is het professionaliseringsaanbod geactualiseerd en uitgebreid, passend bij de strategische doelstellingen van onze hogeschool.
Bereikte resultaten in 2024 Naast het verbeteren en uitbreiden van het inhoudelijke portfolio is in 2024 ook aandacht besteed aan de verbetering van ontsluitingsmogelijkheden via het nieuwe leermanagementsysteem van de Hanze: Brightspace.
Inhoudelijke toelichting De randvoorwaarden om extra portfolioproducten en activiteiten te kunnen aanbieden, zijn verbeterd. Het personele bestand is op sterkte. De strategische ambities zijn leidend in de advisering en in het professionaliseringsportfolio. Het portfolio is geactualiseerd en sluit steeds beter aan bij deze strategische ambities. Recent is een ‘toolbox flexibiliseren’ toegevoegd aan het portfolio.
Begin december was de eerste bijeenkomst van de Raad van Advies. Deze adviseert de PL Academy over haar portfolio, met als doel dat er een evenwichtig en actueel portfolio ontstaat voor alle medewerkers van onze hogeschool.

In 2021 hebben 943 medewerkers gebruik gemaakt van een van de portfolioproducten van de PL Academy.

In 2022 bestaat de PL Academy bestaat nu zo'n 6 jaar en valt onder verantwoordelijkheid van HR, team Leren & Ontwikkelen (huidige formatie: 2,8 fte adviseur, 2,4 fte ondersteuning). De bestaande modules zijn inmiddels opgenomen in het binnen de Hanze gebruikte ERP systeem. Via die route vinden de meeste administratieve handelingen plaats, inclusief inschrijving, certificering en mogelijkheid tot rapportage.

Om meer structuur aan te brengen in het aanbod en het voor deelnemers makkelijker te maken hun weg te vinden in de mogelijkheden die er zijn, is gestart met het opzetten van de systematiek van ontwikkelwielen. In deze wielen zijn hoofdthema's (tot nu toe docentprofessionalisering en (praktijkgericht) onderzoek) opgedeeld in subthema's (ihgv (praktijkgericht) onderzoek: onderzoeksvaardigheden/ onderzoeksprojecten managen & onderzoeksleiderschap) verdeeld over een drietal niveaus (basis, ervaren & expert).

Om beter aan te sluiten op de actualiteit binnen de Hanze en de daaruitvoortvloeiende professionaliseringsvragen is de samenwerking tussen HR en de afdeling Onderwijs & Onderzoek en Centrum voor Talent en leren verstevigd.

In 2023 hebben 1724 medewerkers gebruik gemaakt het aanbod van de PL Academy. Dit is een ruime verdubbeling van het aantal deelnemers ten opzichte van 2022. De belangrijkste verklaring hiervoor is de uitbreiding van het portfolio. Voorbeelden van nieuwe leeractiviteiten zijn verschillende mogelijkheden omtrent Formatief handelen en de leerlijn Onderzoeksprojecten leiden.

In 2024 hebben 1380 medewerkers gebruik gemaakt van de 57 verschillende ontwikkelmogelijkheden vanuit de PL Academy. De afname aan deelnemers is te verklaren vanuit het feit dat er in 2023 een aantal verplichte trainingen hebben plaatsgevonden, namelijk de Workshop A3 en de Verzuimtraining voor leidinggevenden (totaal 404 deelnemers).
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 2.5: Interdisciplinair samenwerken studenten
Ingangsdatum September 2020.
Doel Het faciliteren van schools om interdisciplinair samenwerken van studenten in een leergemeenschap mogelijk te maken.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Iedere school ontvangt 0,2 fte om interdisciplinair samenwerken verder vorm te geven.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Studenten kunnen in een optimale omgeving samenwerken met studenten van andere disciplines en leren wat hun eigen rol is in een interdisciplinair team. Docenten ervaren dat zij gesteund en gefaciliteerd worden in het vormgeven van een leergemeenschap en het samen leren daarvan.
Bereikte resultaten in 2021 Iedere school heeft 0,2 fte ontvangen om, al dan niet in samenwerking met anderen, interdisciplinair samenwerken vorm te geven.
Bereikte resultaten in 2024 De middelen zijn ingezet en de voornemens zijn grotendeels gerealiseerd.
Inhoudelijke toelichting In studiejaar 2020/21 heeft een platform van schools gewerkt aan de volgende speerpunten:
• visie ontwikkelen;
• delen van best practices, helpende hand bieden;
• toewerken naar generieke leeruitkomsten voor interprofessionele samenwerking;
• versterken van organisatorische randvoorwaarden.

Het platform heeft hiervoor diverse hogeschoolbrede sessies georganiseerd, waarbij ook verbinding is gemaakt met de thema’s ‘flexibilisering’ en ‘van buiten naar binnen’ (engaged samenwerking met de regio). Een concreet voorbeeld is dat studenten van verschillende opleidingen van de school voor Life Science en Technology (zoals de opleidingen Bio-informatica, Medische Diagnostiek, Biologische en Medische Research, Chemie) deelnemen aan de minor ‘Voeding en bedrijf’ die geheel in samenwerking met Voeding en Diëtetiek (School voor Gezondheidsstudies) wordt verzorgd. Studenten van beide schools werken in gezamenlijkheid aan projecten en hebben samen lessen. Er wordt een plan opgesteld om studenten in de Maakplaats Techniek te laten werken met point of care-technologie, een technologie die ook interessant zal zijn voor studenten van Engineering, Gezondheidsstudies en Verpleegkunde.

Een ander concreet voorbeeld is dat binnen het kunstenonderwijs zes off courses (extracurriculair interdisciplinair onderwijs) zijn bekostigd, waarin studenten van verschillende opleidingen samenwerken aan projecten binnen en buiten het kunstendomein. De zes off courses zijn: Cross Art, Film Lab, Mask, Virtual Manifestations, Off the Wall en Playtime.

In studiejaar 2021/22 heeft een platform van schools verder gewerkt aan de volgende speerpunten:
• kennisdeling;
• delen van best practices, helpende hand bieden;
• toewerken naar generieke leeruitkomsten voor interprofessionele samenwerking;
• versterken van organisatorische randvoorwaarden;
• docentprofessionalisering.

Het platform heeft hiervoor diverse hogeschoolbrede sessies georganiseerd, waarbij ook verbinding is gemaakt met de thema’s ‘flexibilisering’ en ‘van buiten naar binnen’ (engaged samenwerking met de regio, maar ook met andere hogescholen).
Een werkgroep ‘IWP van de toekomst’ ontwikkelt modellen om toe te passen binnen concrete projecten.
Binnen het onderwerp docentprofessionalisering wordt een handelingsrepertoire op het gebied van leergemeenschappen ontwikkeld en vergroot.
Covid-19 was in het eerste deel van 2022 nog wel steeds een beperkende factor voor studenten om elkaar fysiek te ontmoeten in interdisciplinaire omgevingen.

Na de coronajaren is er in 2023 binnen een bloeiend platform verder gewerkt aan deze maatregel en is er vooral gewerkt aan het verder vorm geven aan leergemeenschappen waarbij het overkoepelende doel steeds is om de samenwerking tussen domeinen en met organisaties in de regio te bevorderen. Binnen het platform zijn 13 pitches gehouden over experimenten en best practices. Op basis van deze pitches hebben de trekkers van dit platform een aantal gemene delers geformuleerd om het interdisciplinair samenwerken van studenten in leergemeenschappen verder vorm te geven. Aanbevelingen die hieruit voortgekomen zijn, zijn o.a.: kenniscentra of Centres of Expertise goed te betrekken, het werken in silo's te overbruggen en ook stafdiensten te betrekken. De Hanzebrede structuur voor het samenwerken in leergemeenschappen zal verder moeten worden doorontwikkeld de komende tijd.
In 2024 is met behulp van bruggenbouwers ook interdisciplinair verder gewerkt aan wat al gaande was.

Verder is in 2024 deze maatregel uitgebreid met een extra deel, zie: bijstellingen. In de zeer korte periode van één kalenderjaar die nog resteerde binnen de kwaliteitsafspraken, is gewerkt aan het versterken en doorontwikkelen van innovatiewerkplaatsen (IWP's). Concreet betekende dit o.a.: ontwikkelen professionele ondersteuning (ontwikkelpalet), bepalen succesfactoren van IWP's, ontwikkelen van een samenwerkingsovereenkomst (juridisch) t.b.v. de partners in een IWP, ontwikkelen richtlijnen voor verdere implementatie en borging en een instrument om ontwikkeling van een IWP te kunnen evalueren en monitoren qua impact en kosten. Kortom, initiatieven uit schools om samen te werken met het werkveld zijn verstevigd, er is extra geïnvesteerd in IWP's in de regio en onderliggende sjablonen van IWP's zijn geëxpliciteerd.
Kanttekening bij deze aanvulling binnen deze maatregel is dat het in een jaar tijd niet realistisch bleek om van plan naar realisatie van gestelde doelen te komen. Vandaar dat de niet aangewende middelen doorgeschoven zijn naar 2025, zodat de opgestarte initiatieven tot een goed einde gebracht kunnen worden.
Bijstellingen Niet van toepassing
Maatregel 2.6: Onderwijsonderzoek
Ingangsdatum September 2019.
Doel Het faciliteren van docenten om te onderzoeken wat succesfactoren zijn van leergemeenschappen en hun onderwijspraktijk, inclusief het leren van docent-onderzoekers.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Iedere school ontvangt 0,1 fte om onderzoek te doen naar de succesfactoren van een innovatiewerkplaats (IWP): een samenwerkingsverband van onderwijs, onderzoek en de praktijk.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Het onderwijsonderzoek moet leiden tot een verbeterde onderwijspraktijk en een sterkere leergemeenschap. De uitkomsten van het onderzoek zullen we gebruiken voor het herijking van de kwaliteitsafspraken. Daartoe verbinden we de resultaten van dit onderzoek met het onderzoek van de lectoraten gericht op onze eigen leergemeenschap. Zo blijft onze hogeschool als lerende organisatie de eigen onderwijspraktijk steeds verbeteren.
Bereikte resultaten in 2021 Iedere school heeft 0,1 fte ontvangen om, al dan niet in samenwerking met anderen, onderwijsonderzoek vorm te geven.
Bereikte resultaten in 2024 De middelen zijn ingezet en de voornemens zijn grotendeels gerealiseerd.
Inhoudelijke toelichting Een voorbeeld is een onderzoek door twee docenten van de Academie voor Gezondheidsstudies. De vraag die hierin centraal stond, was: hoe kunnen opleidingen en lectoraten (nog) beter samenwerken ter verrijking van onderwijs alsook samen krachtiger worden richting werkveld? Hieruit kwamen praktische adviezen voort om de samenwerking van onderwijs en onderzoek te verbeteren. Een ander voorbeeld is een onderzoek gedaan door docenten van het Instituut voor Bedrijfskunde. Zij hebben onderzocht hoe zij hun IWP kunnen versterken. Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in een sterk verbeterde studiehandleiding voor het Bedrijfskundig Action Lab. Een ander voorbeeld is een onderzoek gedaan door docenten van het Instituut voor Bedrijfskunde. Zij hebben onderzocht hoe zij hun IWP kunnen versterken. Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in een sterk verbeterde studiehandleiding voor het Bedrijfskundig Action Lab.
In 2022 is het onderzoek naar succesfactoren voor leergemeenschappen (met enige vertraging door de coronapandemie) voortgezet. Het Instituut voor Sportstudies is binnen onze hogeschool een van de voorlopers. In september 2022 is dit instituut gestart met een nieuw curriculum waarin dit soort leergemeenschappen centraal staan. Het lectoraat Leren in de Leergemeenschap is gestart met het onderzoeken van de succesfactoren en ‘lessons learned’ van enkele van deze leergemeenschappen. Bovendien zijn drie docenten, vanuit kwaliteitsgelden voor kwaliteitsafspraken 2.5 en 2.6, gefaciliteerd om de succesfactoren te onderzoeken van de lokale leergemeenschappen op het Europapark. Studenten, docent-onderzoekers, gemeente en burgers onderzoeken in deze interdisciplinaire leergemeenschappen samen hoe de duurzaamheid, leefbaarheid en gezonde leefstijl in deze wijk kunnen worden gestimuleerd. Een ander voorbeeld is SOFE (Institute of Future Environments). Dit instituut is gestart met een herontwerp van de vrije keuzeruimte van 30 credits. Doel is te komen tot een semester (30 ec’s) waarin een maatschappelijk urgent project centraal staat, waaraan studenten uit meerdere disciplines (ook van andere schools dan SOFE) werken, samen met lectoraten, werkveld en burgers.

Ook in 2023 is verdere voortgang geboekt met het onderzoek op dit terrein. Een voorbeeld hiervan is een pilot waarin de “proeftuin interprofessionele Community of Learners Lotgenotencontact UMCG” is geëvalueerd. Deze evaluatie geeft meer inzicht in de uitdagingen voor studenten t.a.v. het samenwerken in een interprofessionele, multidisciplinaire leergemeenschap. Ook is meer inzicht verkregen in de leereffecten en de werkzame principes van een dergelijke leergemeenschap. Tegelijk ontstond meer inzicht in de rol die docenten kunnen en moeten spelen in het begeleiden en trainen van dit soort interprofessionele vaardigheden. Verder hebben docent-onderzoekers gewerkt aan reeds lopend onderzoek. Onderzoek is immers over het algemeen niet afgerond binnen een jaar. Een voorbeeld hiervan is voortzetten van het onderzoek binnen de Europawijk waarbij samen met alle partijen gewerkt wordt aan de leefbaarheid in de wijk. De partijen die samenwerken zijn: studenten uit meerdere disciplines, docenten, onderzoekers, bewoners en gemeenteambtenaren. Onderzocht wordt wat de succesfactoren zijn van het samen onderzoeken en innoveren.

In 2024 zijn de gelden voor deze afspraak uitgenut en veelal besteed aan onderwijsonderzoek ten nutte van de innovatiewerkplaatsen (zie: 2.5). Zo is er onderzoek gedaan naar de bouwstenen en succesfactoren van IWP's, er zijn proeftuinen ingericht om te volgen hoe studenten leren in de praktijk. De proeftuinen worden gevolgd d.m.v. participatief onderzoek met als doel om deze proeftuinen te verbeteren. Ook is er bijvoorbeeld onderzoek gedaan om tot curriculumvernieuwing te komen. Hierbij ging het om te komen tot het integraal aanbieden van theorie, praktijk en onderzoek binnen het gebied van de theatertheorie.
Bijstellingen Niet van toepassing
Maatregel 2.7: Verhogen docentkwaliteit
Ingangsdatum Vanaf 2015: voorinvestering.
Doel Het verhogen van de docentkwaliteit door het nemen van gerichte maatregelen.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In 2020/21 is de studenttevredenheid op het thema 'docenten' gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de NSE-meting in 2018.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In 2024 is de studenttevredenheid op het thema 'docenten' gelijk gebleven of verbeterd ten opzichte van de NSE-meting in 2020/21.
Bereikte resultaten in 2021 Het cijfer voor studenttevredenheid over de docenten is van 3,69 in 2018 gestegen naar 3,70 in 2021. Het aantal studenten dat tevreden of zeer tevreden is over de kwaliteit van de docenten, is gestegen naar 66 procent.
Bereikte resultaten in 2024 Het cijfer voor studenttevredenheid over docenten is gestegen naar 3,72 in 2024.
Inhoudelijke toelichting Vanaf studiejaar 2014/15 is 1 miljoen euro vrijgespeeld voor het versterken van de personele kwaliteit. In 2021 is ingezet op het herplaatsen of begeleiden van medewerkers die onvoldoende functioneren binnen de context van onze hogeschool. Doel daarvan is het verhogen van de kwaliteit van het (blijvend) docentencorps, met als resultaat dat de studenttevredenheid (gemeten via de NSE-score) omhoog gaat. Het herplaatsen of begeleiden is maatwerk en kan onder andere bestaan uit outplacement, scholing, ondersteuning bij het opstarten van een eigen bedrijf, trajecten van werk naar werk en vervroegde pensionering. In 2022, 2023 en 2024 is bovenstaande aanpak gecontinueerd.

In de herijking maatregelen 2023 is besloten voor 2024 extra middelen in te zetten omtrent verhogen docentkwaliteit. En wel door extra formatieruimte te financieren met als doel het vergroten van mogelijkheden daadwerkelijk deel te nemen aan ontwikkelactiviteiten. De mate waarin het Schools gelukt is deze middelen in te zetten wisselen per School. Over het algemeen hebben Schools mogelijkheden gevonden deze gelden in te zetten in lijn met de beoogde doelstelling.
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 2.8: Kenniscentrum Biobased Economy
Ingangsdatum Vanaf 2017: voorinvestering.
Doel Impact realiseren van onderzoek op onderwijs.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In 2020/21 is het aantal studenten dat in aanraking komt met onderzoek ten minste 120. In studiejaar 2020/21 is de totale formatie in het kenniscentrum 16,5 fte, als volgt verdeeld: docentonderzoekers (8,5 fte), promovendi (2 fte) en gepromoveerden (6 fte).
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In 2024 is het aantal studenten dat in aanraking komt met onderzoek ten minste 120. In 2024 is de totale formatie in het kenniscentrum 20 fte, als volgt verdeeld: docentonderzoekers (10 fte), promovendi (3 fte) en gepromoveerden (7 fte)
Bereikte resultaten in 2021 In 2021 zijn 200 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Er hebben 50 docenten (13,1 fte) gewerkt in het kenniscentrum, waaronder twee promovendi. Van deze docenten is minimaal de helft gepromoveerd.
Bereikte resultaten in 2024 In 2024 zijn 200 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Er hebben 55 docenten-onderzoekers (32,8 fte; merendeel gepromoveerd) gewerkt in het kenniscentrum, waaronder zeven promovendi (4,2 fte).
Inhoudelijke toelichting De jaarlijkse investering van 0,4 miljoen euro voor Kenniscentrum Bio Based Economy is in 2020/21 gecontinueerd om impact op onderwijs te realiseren. Met dit geld hebben we voor studenten de mogelijkheid gecreëerd om ervaring op te doen in onderzoek in innovatiewerkplaatsen, en voor docenten de mogelijkheid zich te ontwikkelen tot docent-onderzoeker of promovendus.

In 2022 zijn 230 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Hiermee bedoelen we dat ze bijgedragen hebben aan onderzoek in het kader van hun curriculum. Er hebben gemiddeld 51 docenten (15,5 fte) gewerkt in het kenniscentrum, waaronder 6 promovendi. Van deze docenten is minimaal de helft gepromoveerd.

In 2024 zijn 200 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Er hebben 55 docenten-onderzoekers (32,8 fte; merendeel gepromoveerd) gewerkt in het kenniscentrum, waaronder zeven promovendi (4,2 fte).
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 2.9.a: Uitvoering roadmap Centre of Expertise Healthy Ageing
Ingangsdatum Vanaf 2015: voorinvestering.
Doel Impact realiseren van onderzoek op onderwijs.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In studiejaar 2020/21 is het aantal studenten dat in aanraking komt met het speerpunt Healthy Ageing toegenomen ten opzichte van 2018 (1746 studenten).
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In 2024 is het aantal studenten dat in aanraking komt met het speerpunt Healthy Ageing toegenomen ten opzichte van 2020/21.
Bereikte resultaten in 2021 In 2020/21 zijn 1800 studenten bij het Centre of Expertise Healthy Ageing in aanraking gekomen met onderzoek. Binnen het CoE werken nu 132 docent-onderzoekers en 84 promovendi en gepromoveerden.
Bereikte resultaten in 2024 In 2023/24 zijn ca 2600 studenten bij het Centre of Expertise Healthy Ageing betrokken geweest bij onderzoek (in projecten en innovatiewerkplaatsen). Binnen het Centre of Expertise Healthy Ageing zijn 31 FTE aan docentonderzoekers, postdocs en promovendi actief. Er zijn 2 kandidaten (1,4 fte) gestart met een professional doctorate-traject.
Inhoudelijke toelichting De vrijgespeelde gelden vanaf 2014/15 voor het CoE Healthy Ageing met als doel om onderwijs en onderzoek meer met elkaar te verbinden, zijn ook in 2022-23 ingezet om impact van onderzoek op het onderwijs te vergroten. Er zijn routes en opleidingen ontwikkeld voor studenten om in aanraking te komen met het speerpunt Healthy Ageing en met onderzoek o.a. in projecten en innovatiewerkplaatsen. Resultaten uit onderzoek zijn opgenomen in het onderwijs.

In 2021/22 zijn 2000 studenten bij het Centre of Expertise Healthy Ageing in aanraking gekomen met onderzoek. Binnen het CoE HA zijn 86 docent-onderzoekers actief (19,8 fte) en 7 postdocs (1,3 fte). Hiervan zijn er 15 gepromoveerd. Daarnaast zijn 22 promovendi (4,9 fte) bezig met onderzoek.

In 2022/23 zijn ca 2400 studenten bij het Centre of Expertise Healthy Ageing betrokken geweest bij onderzoek (in projecten en innovatiewerkplaatsen). Binnen het CoE HA zijn 76 docentonderzoekers actief (13,6 fte) en 9 postdocs (3,5 fte), daarnaast zijn 23 promovendi (10,9 fte) bezig met onderzoek en is een kandidaat (0,7 fte) gestart met een professional doctorate-traject.

In 2023/24 zijn ca 2600 studenten bij het Centre of Expertise Healthy Ageing betrokken geweest bij onderzoek (in projecten en innovatiewerkplaatsen). Binnen het Centre of Expertise Healthy Ageing zijn 31 FTE aan docentonderzoekers, postdocs en promovendi actief. Er zijn 2 kandidaten (1,4 fte) gestart met een professional doctorate-traject.
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 2.9.b: Uitvoering roadmap Center of Expertise Energie
Ingangsdatum Vanaf 2015: voorinvestering.
Doel Impact realiseren van onderzoek op onderwijs.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? In studiejaar 2020/21 is het aantal studenten dat in aanraking komt met het speerpunt Energie toegenomen ten opzichte van 2018 (202 studenten).
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In 2024 is het aantal studenten dat in aanraking komt met het speerpunt Energie toegenomen ten opzichte van 2020/21.
Bereikte resultaten in 2021 In 2020/21 zijn er in totaal 562 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Daarnaast zijn er 56 docent-onderzoekers (18,5 fte) actief in het CoE, waarvan een deel promovendi en gepromoveerde docenten.
Bereikte resultaten in 2024 In 2024 zijn er in totaal 621 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Daarnaast zijn er 91 docent-onderzoekers (42 fte) actief in het CoE, waarvan een deel promovendi en gepromoveerde docenten.
Inhoudelijke toelichting De vrijgespeelde gelden vanaf 2014/15 voor het Centre of Expertise Energie om onderwijs en onderzoek meer met elkaar te verbinden, zijn in 2020 gecontinueerd. Daarmee zijn routes en opleidingen ontwikkeld voor studenten om in aanraking te komen met de speerpunten van onze hogeschool en met onderzoek in innovatiewerkplaatsen. Resultaten uit onderzoek zijn opgenomen in het onderwijs.

In 2022 zijn 400 studenten in aanraking gekomen met onderzoek.
Daarnaast zijn er 63 (18,6) docent onderzoekers actief in het CoE, waarvan een deel promovendi en gepromoveerde studenten.

In 2024 zijn er in totaal 621 studenten in aanraking gekomen met onderzoek. Daarnaast zijn er 91 docent-onderzoekers (42 fte) actief in het CoE, waarvan een deel promovendi en gepromoveerde docenten.
Bijstellingen Niet van toepassing.

Investeringslijn 3: goede en passende faciliteiten

Maatregel 3.1: Flexibele werkplekken
Ingangsdatum September 2020.
Doel Het realiseren van flexibele werkplekken door het versneld invoeren van de vitale werkomgeving.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? 200 flexibele werkplekken voor medewerkers ten opzichte van het studiejaar 2019/20.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In 2024 is op aanvraag van organisatieonderdelen de ‘Vitale Hanze Werkomgeving’ gerealiseerd.
Bereikte resultaten in 2021 In 2021 zijn er 140 nieuwe flexibele werkplekken gerealiseerd bij het stafbureau Informatisering en het instituut voor Rechtenstudies.
Bereikte resultaten in 2024 In 2024 is op verschillende plekken binnen de Hanze vanuit de ‘Vitale Hanze werkomgeving’ een nieuwe omgeving gecreëerd, o.a. in het Wiebenga en de Toren in de Van OlstBorg.
Inhoudelijke toelichting De flexibele werkplekken worden gerealiseerd op basis van het concept 'de Vitale Hanze Werkomgeving'. Hierin staat de medewerker centraal. Het geeft de medewerker, binnen bepaalde grenzen, de ruimte en vrijheid om te bepalen hoe, waar, wanneer, waarmee en met wie hij samenwerkt. Uitgangspunten hierin zijn de ontwikkeling van onze hogeschool als netwerkorganisatie die kennis delen en ontmoeten stimuleert, die bijdraagt aan het nieuwe Gezonde Werken 2.0 en leidt tot een goede bezetting van de gebouwen, zodat leegstand wordt voorkomen.

Op basis van dit concept is voor het instituut voor Rechtenstudies en voor het stafbureau Informatisering een programma van wensen en eisen opgesteld met betrekking tot inrichting en faciliteiten van de werkplek en werkomgeving. Dit heeft geleid tot inrichtingsvoorstellen die vervolgens tot uitvoering zijn gekomen. Dit heeft geleid tot 140 flexibele werkplekken.

In 2022 zijn alle stafdiensten overgegaan op activity based working in de van Olstborg. Daarnaast is 480m2 in de Marie KamphuisBorg aangepast. Dit alles conform de ‘Vitale Hanze Werkomgeving’.

In 2023 hebben er aanpassingen plaatsgevonden in de werkomgeving in het Wiebenga om effectiever met de ruimten om te gaan.

In 2024 is op verschillende plekken binnen de Hanze vanuit de ‘Vitale Hanze werkomgeving’ een nieuwe omgeving gecreëerd, o.a. in het Wiebenga en de Toren in de Van OlstBorg. Het Instituut voor Engineering wil gaan werken vanuit de ‘Vitale Hanze werkomgeving’. De eerste workshop hiervoor hebben plaatsgevonden.
Bijstellingen Het concept 'de vitale Hanze Werkomgeving zal ook leidend zijn voor de inrichting van de werkomgeving van andere organisatieonderdelen.
Maatregel 3.2: Stroompunten
Ingangsdatum September 2019.
Doel Realiseren van meer stroompunten in elk gebouw.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Eind 2021 hebben we 1.500 extra stroompunten in onze gebouwen gerealiseerd.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Eind 2024 hebben we 3.000 extra stroompunten in onze gebouwen gerealiseerd.
Bereikte resultaten in 2021 In 2021 hebben we 2.900 nieuwe stroompunten gerealiseerd.
Bereikte resultaten in 2024 Eind 2024 hebben we 3.000 extra stroompunten in onze gebouwen gerealiseerd.
Inhoudelijke toelichting In het studiejaar 2020/21 zijn binnen het Project Zernikeplein 7 de fases 3 en 4 uitgevoerd. In deze fases zijn in totaal ruim 3.500 wandcontactdozen geplaatst op 1.250 werkplekken. Het ging voor een deel om vervanging van oude wandcontactdozen. In totaal zijn er 1.250 nieuwe wandcontactdozen gerealiseerd die 2.900 nieuwe stroompunten hebben opgeleverd. In de komende jaren gaan we verder investeren in nieuwe stroompunten.

In het studiejaar 2021/2022 zijn 700 nieuwe stroompunten gerealiseerd in de verschillende gebouwen van de Hanze.

In het studiejaar 2022/2023 zijn er 600 nieuwe stroompunten gerealiseerd in verschillende gebouwen van de Hanzehogeschool, o.a. in het Prins Claus Conservatorium, Academie van Bouwkunst en de Marie KamphuisBorg.

In 2024 zijn nog eens 700 extra stroompunten gerealiseerd.
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 3.3: Webroombooking
Ingangsdatum September 2019.
Doel Het uitbreiden van de functionaliteit webroombooking en meer ruimtes boekbaar maken.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Studenten kunnen in webroombooking 60 extra ruimtes boeken voor studie.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Facilitair Bedrijf evalueert de beschikbaarheid en functionaliteit regelmatig. Indien blijkt dat doorontwikkeling nodig is, dan zal dit worden gerealiseerd.
Bereikte resultaten in 2021 Er zijn 30 ruimtes extra beschikbaar voor webroombooking. Het aantal uren waarin de ruimtes beschikbaar zijn, zijn uitgebreid.
Bereikte resultaten in 2024 De functionaliteit is uitgebreid per voorjaar 2021. Indien blijkt dat doorontwikkeling nodig is, dan wordt dit gerealiseerd.
Inhoudelijke toelichting In de afgelopen jaren is de functionaliteit van de webroombooking aangepast. Hierdoor is het voor studenten eenvoudiger geworden om ruimtes te reserveren. Met webroombooking kan ook apparatuur gereserveerd worden.

Vanwege de coronapandemie zijn sommige ruimtes tijdelijk weer uit webroombooking gehaald, omdat deze beschikbaar moeten zijn voor online of hybride onderwijs. Per saldo is daarom de uitbreiding van het aantal ruimtes beperkt tot 30. Wel zijn er meer uren beschikbaar gekomen voor studenten. We verwachten het aantal ruimtes verder uit te kunnen breiden naar 60.
Bijstellingen Niet van toepassing.
Maatregel 3.4: Stiltewerkplekken
Ingangsdatum September 2019.
Doel Het inzetten van bestaande ruimtes op onze hogeschool als stiltewerkplekken tijdens tentamenperiodes met toezichthouders.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Er zijn 500 meer stiltewerkplekken beschikbaar tijdens tentamenperiodes en toezicht is geregeld.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Continuering van het aantal stiltewerkplekken en uitvoering van de pilot met sensoren om tot een nog optimalere bezetting van de gebouwen te komen.
Bereikte resultaten in 2021 We zijn bezig het aantal stilteplekken op de Campus uit te breiden met 500 plekken.
Bereikte resultaten in 2024 In 2024 zijn extra ruimten ingezet ten behoeve van extra stiltewerkplekken. De pilot met de sensoren is gecontinueerd en studenten hebben daardoor tot op heden inzicht in het aantal beschikbare plekken om te studeren.
Inhoudelijke toelichting In 2021 zijn er extern ruimtes gehuurd om stiltewerkplekken te realiseren. Daarnaast is er een pilot gedraaid met sensoren in de reguliere stilteruimte in de Mediatheek, die signaleren of een plek bezet is. Gekoppeld aan deze sensoren is een applicatie gebouwd die zichtbaar maakt wat normaal gesproken de rustige en drukke momenten zijn. De student kan via webroombooking deze gegevens inzien en zo het moment kiezen waarop hij of zij van deze stilteruimte gebruik wil maken. Deze pilot zal worden uitgebreid naar andere stilteruimtes.

In 2022 is de pilot, vanwege het succes, verder uitgebreid naar de andere stilteruimtes. Elke tentamenperiode worden het aantal stilteplekken uitgebreid met 500 extra plekken. Daarnaast zijn er extra plekken gerealiseerd in de Oosterpoort in samenwerking met SPOT.

Ook in 2023 en 2024 zijn de extra ruimten ingezet ten behoeve van extra stiltewerkplekken. De pilot met de sensoren is gecontinueerd en studenten hebben daardoor tot op heden inzicht in het aantal beschikbare plekken om te studeren.
Bijstellingen De pilot met sensoren is onderdeel geworden van de maatregel om zo tot een nog optimalere benutting van de stiltewerkplekken te komen en studenten sneller inzicht te geven of en waar er ruimte is.
Maatregel 3.5: Leren in ontmoeting
Ingangsdatum September 2019.
Doel Het aanpassen van algemene onderwijsruimtes om leren in ontmoeting en projectmatig werken beter te kunnen faciliteren.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Er is 4.000 m2 aan onderwijsruimtes aangepast.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Er is 12.000 m2 aan onderwijsruimtes aangepast.
Bereikte resultaten in 2021 Er wordt op dit moment gewerkt aan een plan voor het aanpassen van 1.500 m2 aan onderwijsruimtes per september 2022.
Bereikte resultaten in 2024 In 2024 zijn een aantal leerruimten uitgerold in het Wiebenga en de VanDoorenveste.
Inhoudelijke toelichting Door verhuisbewegingen komen ruimtes in bepaalde gebouwen vrij die we willen gaan inrichten voor leren in ontmoeting en projectmatig werken. Aan gebruikers hebben we gevraagd hoe zij de verschillende gebouwen ervaren en beleven. De uitkomsten hiervan worden op dit moment geanalyseerd en gebruikt om een meer aantrekkelijke leer- en werkomgeving te creëren. Ook betrekken we hierbij de uitkomsten van quick scans die in alle gebouwen zijn gedaan met betrekking tot de kwaliteit van gebouwen, in relatie tot de eisen die gesteld zijn in het Integrale Handboek Kwaliteit Gebouwen.

In 2022 is er 2680 m2 aangepast t.b.v. leren in ontmoeting. Er zijn lokalen gerealiseerd in verschillende panden van de Hanze, wat een diversiteit aan lokalen heeft opgeleverd. Voorbeelden hiervan zijn o.a. HILL- ruimten en het ‘lokaal van de toerkomst’ met flexibel meubilair. Daarnaast is er in de Marie Kamphuisborg het studielandschap en ontmoetingsruimte aangepast met een andere inrichting wat meer moet uitnodigen tot ontmoeten tussen studenten onderling en met docenten.

In 2023 is volop ingezet om het 'lokaal van de toekomst' verder uit te rollen. Er wordt nu gesproken over de activerende leerruimten. Totaal is er 450m2 extra uitgerold. Daarnaast zijn er meerdere pods aangeschaft waar men (digitaal) kan ontmoeten. Voor de opleidingen van het Instituut voor Engineering (SIEN) is het entreegebied aangepast om daar een ontmoetingsruimte voor docenten en studenten van te maken. Ook zijn er in meerdere gebouwen investeringen gedaan in visuals en beplanting om er een prettigere werk- en studeeromgeving van te maken.

In 2024 zijn nog een aantal leerruimten uitgerold in het Wiebenga en de VanDoorenveste.
Bijstellingen Er is gebleken dat er vaak ook bouwkundige ingrepen nodig zijn voor het aanpassen van ruimten om leren in ontmoeting beter te kunnen faciliteren. De intentie is om dit onderdeel van deze maatregel te maken.
Maatregel 3.6: Practicumruimtes
Ingangsdatum September 2020.
Doel Het realiseren of aanpassen van practicumruimtes.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Er is 2.000 m2 aan practicumruimtes gerealiseerd of aangepast.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Er is 5.000 m2 aan practicumruimtes gerealiseerd of aangepast.
Bereikte resultaten in 2021 Er is een nieuwe practicumruimte voor de opleiding Ergotherapie gerealiseerd. Andere ruimtes zijn aangepast. In totaal is er 900 m2 aan practicumruimtes gerealiseerd en/of aangepast.
Bereikte resultaten in 2024 In 2024 is een nieuwe MRI-scanner voor de opleiding Medische Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken in gebruik genomen en hiervoor moesten ruimtes worden aangepast. Ook is in 2024 de verblijfskwaliteit van labzalen verbeterd en is een voorlopig ontwerp voor een werkplaats voor Hard en Top Dutch Solar afgerond.
Inhoudelijke toelichting Conform het kwaliteitsplan is de praktijkruimte voor de nieuwe opleiding Ergotherapie in 2020/21 gerealiseerd. Dit is tijdig gebeurd voordat de opleiding Ergotherapie van start gaat in september 2021. Daarnaast hebben we in de kelder van het gebouw aan de Praediniussingel meerdere studio’s of ateliers voor Academie Minerva gerealiseerd. De school Life Science and Technology heeft een analyseapparaat in gebruik genomen (gedoneerd door het werkveld), waarvoor een labruimte wordt aangepast.

In 2022 is er 170m2 aan extra studio’s voor Minerva gerealiseerd. Daarnaast is er 160m2 aan extra labzalen in de VanDoorenveste gerealiseerd.

In 2023 is er een windtunnel geplaatst voor de opleiding SIEN. Voor de opleiding LST is een labzaal aangepast. Voor de opleiding Minerva worden er extra ruimten gehuurd en zijn bouwkundig aangepast om daar master opleidingen te kunnen verzorgen. Voor de opleiding van in Instituut voor Life Science & Technology zijn zuurkasten aangeschaft. Hier moesten een ruimte geschikt voor worden gemaakt.

In 2024 is een nieuwe MRI-scanner voor de opleiding Medische Beeldvormende en Radiotherapeutische Technieken in gebruik genomen en hiervoor moesten ruimtes worden aangepast. Het gaat niet alleen om de ruimte voor de MRI-scanner zelf, maar ook om alle faciliteiten daaromheen, zoals een wachtruimte, behandelkamer en bedieningsruimte die daarnaast geschikt is gemaakt als onderwijsruimte.
Ook is in 2024 de verblijfskwaliteit van labzalen verbeterd en is
een voorlopig ontwerp voor een werkplaats voor Hard en Top Dutch Solar afgerond. Uit het voorlopig ontwerp bleek dat de kosten vele malen hoger zouden worden dan begroot en daarom is besloten dit project on hold te zetten.
Bijstellingen De kosten van het aanpassen vallen duurder uit dan vooraf was ingeschat. Dat heeft te maken met de stijging van de bouwkosten, maar ook met innovatie rondom de inzet en (daardoor) de toegevoegde waarde voor het onderwijs van practicumruimtes. De norm aan te behalen vierkante meters voor 2024 zal naar beneden worden bijgesteld.
Maatregel 3.7.a: Maakplaats Techniek
Ingangsdatum September 2019.
Doel Het verbouwen en inrichten van generieke labs/werkplaatsen ten behoeve van de technische opleidingen.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Eind 2021 is de maakplaats ingericht en het beheer geregeld.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? In 2024 is de maakplaats ingericht en wordt het gebruikt voor het onderwijs.
Bereikte resultaten in 2021 De maakplaats zal in mei 2022 gereed zijn.
Bereikte resultaten in 2024 Medio mei 2022 is de maakplaats in gebruik genomen.
Inhoudelijke toelichting Het heeft meer tijd gekost om het plan van eisen op te stellen. Hierdoor is er vertraging in het gehele proces ontstaan. In december 2021 is de verbouwing van start gegaan.

Medio mei 2022 is de maakplaats in gebruik genomen.
Bijstellingen Niet van toepassing
Maatregel 3.7.b: Beheer bestaande labs
Ingangsdatum September 2019.
Doel Het uitbreiden van het beheer voor de bestaande labs.
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? Eind 2021 is er 9,7 fte extra ingezet voor beheer van de bestaande labs.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? Eind 2024 is er 9,7 fte extra ingezet voor het beheer van de bestaande labs.
Bereikte resultaten in 2021 In studiejaar 2020/21 is er 6,5 fte ingezet. Het budget voor het studiejaar 2021/22 is verhoogd, waardoor er in 2021/22 9,7 fte ingezet kan worden.
Bereikte resultaten in 2024 In 2024 is de formatie voor het beheer van de bestaande labs volgens plan ingezet.
Inhoudelijke toelichting Het beheer van bestaande labs is uitgebreid. Om de uitbreiding van het beheer sneller te realiseren, is tijdelijk gebruik gemaakt van de overgebleven middelen bij de maakplaats Techniek (maatregel 3.7.a).

In 2021/2022 is de formatie voor het beheer van de bestaande labs volgens plan ingezet.
Bijstellingen Om de uitbreiding van het beheer sneller te realiseren, is tijdelijk gebruik gemaakt van de overgebleven middelen bij de maakplaats Techniek (maatregel 3.7.a).
Maatregel 3.8: State-of-the-art andere domeinen
Ingangsdatum September 2022
Doel In 2024 hebben aanvullende investeringen plaatsgevonden in de faciliteiten van opleidingen buiten het technisch domein.  
Wat wil onze hogeschool in 2021 bereiken? n.v.t.
Wat wil onze hogeschool in 2024 bereiken? We willen investeren in de faciliteiten van onze opleidingen zodat onze studenten opgeleid worden in een leergemeenschap die aansluit bij de beroepspraktijk en die een interessante omgeving biedt voor de beroepspraktijk om naar de hogeschool toe te komen. Dit heeft niet alleen meerwaarde voor onszelf, maar ook voor ons werkveld en onze regio. We gaan daarom op zoek naar slimme manieren om te investeren in state-of-the-art faciliteiten voor onze opleidingen, zodat zij de aansluiting met de beroepspraktijk houden. We willen deze faciliteiten samen met het werkveld of andere partijen vormgeven. 
Bereikte resultaten in 2021 n.v.t.
Bereikte resultaten in 2024 Er zijn projecten opgepakt binnen het Prins Claus Conservatorium (slagwerkruimte) en POP Leeuwarden (entreegebied).
Inhoudelijke toelichting Er zijn meerdere projecten opgepakt.
Er is een onderzoek uitgevoerd binnen het Willem Alexander Sportcentrum voor een ‘sportlokaal van de toekomst’.
Voor POP Leeuwarden zijn verbouwplannen gemaakt voor het entreegebied. Deze zijn in 2023 in overleg met de school ‘on hold’ gezet in afwachting van verdere ontwikkelingen van de opleiding. Er is afgesproken dat er een integrale businesscase wordt uitgewerkt waarin diverse scenario’s worden uitgewerkt. Deze businesscase is momenteel in ontwikkeling.
Bij het Prins Claus Conservatorium zijn op verzoek van de school twee slagwerkruimtes met tussenliggende verkeersruimte, samengevoegd tot een nieuwe slagwerkruimte. De verouderde ruimtes zijn vernieuwd en vergroot waardoor er een effectievere inzetbaarheid mogelijk is voor de opleiding.
Bijstellingen Er bleek uiteindelijk onvoldoende behoefte voor het project ‘sportlokaal van de toekomst’.